Wislawa

In de rij inspirerende vrouwen mag Wislawa Szymborska niet ontbreken. Deze Poolse dichter is één van de grootste van haar tijd en wat mij betreft van alle tijden. Haar gedichten zijn alledaags, maar dan zo opgeschreven dat de schoonheid ervan afspat.

In 2012 overleed ze op 88 jarige leeftijd. Een leven achterlatend die niet altijd over rozen ging om maar een cliché te gebruiken. Wislawa sprak niet graag over haar zelf en haar leven. Haar gedichten spraken voor zich. Ze was ook graag op zichzelf. In 1996 ontving zij de Nobelprijs voor de Literatuur. Dat vind ik terecht.

Zij kwam in mijn leven toen ik onrustig was, stukken jonger en veel wilde weten over het leven. Ik had vragen en zocht antwoorden. Die antwoorden vond ik niet bij familie of in de mij voor handen zijnde literatuur, maar wel in de poëzie. Telkens als ik een boekwinkel binnen stapte, zocht ik eerst naar de dichtbundels. Ik wilde ze allemaal even vasthouden, want dichtbundels zijn zo mooi. Ze hebben vaak een mooie harde kaft en een eenvoudige vormgeving. De inhoud doet de rest. In mijn zoektocht ontdekte ik dat er veel te kiezen was. Waar te beginnen? Een hele aardige boekverkoper in Haarlem was helemaal in zijn nopjes toen ik mijn zoektocht beschreef en onmiddellijk raadde hij me de gedichten van Szymborska aan. Zonder enige twijfel kocht ik de bundel “Einde en Begin: verzamelde gedichten.” De eerste dagen keek ik alleen in de bundel. Ik nam haar overal mee naar toe, hield haar dicht bij me en raakte haar vaak aan. Angst voelde ik om te beginnen. De “wat als” vragen tuimelden over elkaar heen: wat als ik het niet begrijp? wat als het tegenvalt? wat als ik het niet voel? wat als…?

Op een moment (helaas is die herinnering weggevaagd) sloeg ik de bundel open en begon aan het eerste gedicht “Niets tweemaal” en onmiddellijk voelde ik dat dit de vrouw was met de antwoorden. Dat gevoel kan ik nu nog oproepen. We leefden in verschillende werelden, verschillende achtergronden en verschillende levens, maar de wijsheid van haar woorden overstijgt alle verschillen. En daarom mag Wislawa Szymborska niet ontbreken in mijn vrouwenlijst.

Niets tweemaal

Niets gebeurt tweemaal en niets
zal tweemaal gebeuren. Geboren
zonder kundigheden, sterven we
dus als onervaren senioren.

Ook al zijn we nog zo hardleers
op de grote school van ’t leven,
geen winter, geen zomer wordt ons
nog een keertje opgegeven.

Niet één dag keert ooit terug,
twee nachten zijn nooit identiek,
geen kus is als een andere,
elke oogopslag is weer uniek.

Gisteren noemde iemand plots
in mijn bijzijn luid jouw naam
– het leek alsof een rode roos
naar binnen woei door het raam.

Nu we samen zijn vandaag,
haal ik mijn blik van je gezicht.
Een roos? Hoe ziet een roos eruit?
Is dat een bloem? Een steen wellicht?

Onzalig uur, onnodige vrees,
waarom bemoei jij je ermee?
Je bent – je moet voorbijgaan.
Je gaat voorbij – en alles is oké.

Lachend en elkaar omhelzend
verzoenen we ons met elkaar,
ook al zijn we zo verschillend
als twee druppels zuiver water.

Hartverwarmend

Ik kan vandaag een lange blog schrijven, maar doe dat niet.
Alles wat ik zou kunnen schrijven valt in het niet met de boodschap die ik vanavond kreeg toen ik mijn oudste dochter hielp in de douche.

“Mamma, jij zit in mijn hart.”

Niets aan toe te voegen.

 

Licht

 

Wat is dat toch? Ik ontdek schrijvers vaak pas als ze dood zijn.
Ik “ken” dan zo een schrijver al wel jaren, heb er boeken van in mijn kast staan, maar kom er maar niet aan toe om ze te lezen. Er gaat altijd wel een boek voor. Of het staat me tegen dat er een hype om iemand heen gecreëerd wordt en vanuit mijn recalcitrante zelf verzet ik me dan tegen alles wat zo iemand voortbrengt. Vaak volkomen belachelijk en onterecht.
En dan? Vaak jaren na de dood van de schrijver speur ik in mijn boekencollectie naar iets “nieuws” en daar bedoel ik mee een boek van een schrijver die ik nog niet eerder heb gelezen. Ik stuit dan op de overleden schrijver en raak helemaal overdonderd van diegene. Zo nu ook met Martin Bril. Wat een fantastische scherpzinnige observator is dat met scherpe humor. Ik moet natuurlijk “was dat” schrijven, maar voor mij leeft hij. Ik lees hem, dus hij kan niet dood zijn.

Ik stuitte op het volgende gedicht van hem en wil dat graag delen.

Licht

Je kunt je duizend keer
Hetzelfde verkeerd
Herinneren.
Zo weet ik beslist
Dat de zon scheen toen
Ik voor het eerst
Een vrouw zoende
Tussen haar benen

Toch was het nacht
Of avond op z’n minst
Dat kan niet anders

Ik moet al die jaren
Het licht naast
Het bed voor de zon
Hebben aangezien

Ook is denkbaar dat ik
Die keer verwar
Met een andere
Keer, bij daglicht en later

Prachtig, mijn leven wordt door dit soort ontdekkingen steeds rijker. Baal ik er nu van dat ik me niet verdiept heb in Martin Bril toen hij nog leefde? Niet echt. Het gaat zoals het gaat en ik geloof (wat Martin Bril denk ik al brakend zou ontkennen) dat boeken op je pad komen op het moment dat je er aan toe bent of ze nodig hebt. Ik heb blijkbaar Martin nu even nodig en hij is er nog. Hij zal er altijd zijn.

Henkie

Morgen is het alweer een jaar geleden dat Hendrik (Henkie) overleed. Henkie was een vriend van de familie. Hij was de partner van een goede vriendin van mijn moeder en behoorde tot de kring zelfgekozen familie, meer dan een vriend dus.

Henkie kwam uit Friesland, sprak binnensmonds en kon een verhaal met een stalen gezicht vertellen zodat ik altijd in de war raakte en me afvroeg ‘is dit een mop of een serieus verhaal.’ Als ik al verstond wat hij zei. Wij zagen Henkie en zijn partner een paar keer per jaar. Niet zo vaak, maar ik heb gemerkt dat het bij zelfverkozen familie niet uitmaakt hoe vaak je ze ziet. Ze leven gewoon in je huid, ze maken een onderdeel uit van je zijn.

Henkie was ziek, had veel pijn en zag het soms niet meer zitten. Hij overwoog dan uit het leven te stappen, maar deed dat niet voor zijn geliefden. Hij had ervaring op dat gebied en wist hoeveel pijn het anderen zou doen. Hij hield rekening met anderen en hield intens van de mensen om hem heen. Ik had een bijzondere band met hem. Altijd als wij elkaar spraken, ging het ergens over. Wij vonden heel snel diepgang en daar kwamen de nodige emoties bij kijken. Ik had nooit een man zo vaak zien huilen als Henkie. Dat ontroerde me, keer op keer. Toen hij steeds zieker werd, wilde ik alles overnemen als ik hem zag. Dan ging hij lekker op onze bank liggen, sneed ik zijn vlees in stukjes, hielp hem naar de wc en alles voelde natuurlijk.

Nu is hij alweer een jaar dood. ‘De tijd heelt alle wonden’, is de uitdrukking. Nou ik waag dat te betwijfelen. Misschien is het verdriet en de intense pijn wel afgezwakt, maar het gemis wordt alleen maar groter. Gebeurtenissen komen en gaan en hij is er niet bij. Herinneringen krijgen romantische proporties, maar de werkelijkheid is verloren. Het lijkt wel alsof alles heftiger wordt omdat hij er niet meer is.

Voor zijn partner is dat gemis immens. Eerst verloor zij haar echtgenoot, de vader van haar twee dochters, daarna verloor zij haar tweede grote liefde. Nu net in de zestig is zij weer alleen. Dat gemis heelt de tijd niet. Morgen denk ik aan haar en aan Henkie. Ik tover dan een glimlach op mijn gezicht ter herinnering aan al die verhalen die Henkie in geuren en kleuren kon vertellen waarvan ik meestal maar de helft verstond.

Liegen

Ik probeer mijn best te doen om empathie op te brengen voor iedereen. Dus aandachtig luisteren,oprechte aandacht geven en niet gelijk in de adviesrol of hulprol schieten als iemand een probleem voorlegt. Ook in mijn werk komt de nodige begrip om de hoek kijken. Ik heb met veel verschillende mensen te maken en ik probeer iedereen met respect te behandelen en voor elke situatie een passend antwoord/advies/oplossing, wat dan ook van toepassing is, te bieden.

Maar waar ik echt niet tegen kan, mijn haren gaan overeind, lichaam springt op de kast, nekspieren zetten uit en rode vlekken nemen bezit van mijn nek, is liegen. Liegen en bedriegen. Nu heb ik een collega die ik al meermalen heb verdacht en sterker nog heb betrapt op dit soort praktijken. Jammer genoeg kan ik de collega niet bij naam noemen, want oh jee dat is niet collegiaal en dat kan gevolgen voor mezelf hebben. Maar ondertussen verdient deze persoon gewoon zijn geld met blunderen en praktijken uitvoeren die allerminst collegiaal, professioneel en eerlijk zijn. Lastige situatie. Vandaag heb ik de collega “in zijn eigen val laten lopen.” Het moest er eens van komen.

Beleef ik daar veel plezier in? NEE!!! Ik wil me op mijn werk bezig houden met zaken die ertoe doen en niet op het corrigeren van losgeslagen projectielen. Wat me daarin ook stoort is de slappe houding van de leidinggevende en de organisatie. Hoe is het mogelijk dat dit soort mensen niet aangesproken worden op hun gedrag? Dat die van positie naar positie groeien na elke blunder?

De strijdbare jurist in mij wordt dan opstandig en schiet in actie. Ik vind het zo onrechtvaardig dat deze persoon onwaarheden over mijzelf, maar meer nog over een hardwerkende en betrokken collega, kan verkopen en daar weg mee komt en een ander de puin laat opruimen.

Het neerkwakken van mijn frustratie in deze blog brengt wat rust. Nu ga ik weer op zoek naar mijn voorraad empathie en verdeel die zorgvuldig over de mensen die dat wel verdienen (lekker puh).

Lied

Sinds The Donald gekozen is om president van de VS te worden speelt er een lied door mijn hoofd. Al dagen lang hoor ik hetzelfde nummer en helaas ken ik maar een stukje van de tekst, dus die blijft zich (nu toch echt tot vervelends toe) herhalen.

It’s the end of the world as we know it
It’s the end of the world as we know it
It’s the end of the world as we know it, and I feel fine.

We zullen zien. Ik hoop dat The Donald dit lied bestudeert en er iets van leert.

Week

Wat een week was het. Het begon met een overvolle agenda op mijn werk. Vervolgens naar het ziekenhuis om een bed onder te braken en er achter te komen dat ik een maagbreuk heb. Het kon nog erger: Donald Trump president van de Verenigde Staten. Dan de intocht van Sinterklaas, waarvoor een noodbevel en een noodverordening nodig bleken te zijn.

De regen die maar met bakken uit de lucht kwam vallen, een mega tak die ons dak van de uitbouw wist te bereiken en ons opzadelde met een hoop schade. Daarbij de ontsnapping aan een brand vanwege doorgesmolten elektriciteitsdraden. Een kat die de hal aan een onderzoek had onderworpen en zich een nieuwe kattenbak voorstelde.

Ik mag natuurlijk niet dat éne afdelingshoofd vermelden. Hij liet zich via email schandelijk en ongenuanceerd uit over mij en een collega zonder dat hij onderzoek had gedaan, laat staan bij ons het een en ander had nagevraagd. Ik wist niet eens waar het over ging. Ook de hormonen die deze week hoogtij vierden en gierden in mijn lichaam zijn uiteraard vermeldingswaardig.

Ook wil ik nog stil staan bij de kinderen die tijdens de intocht pepernoten naar de muzikanten bleven gooien en alle omstanders die daar niets over zeiden. Die kinderen die kleintjes omver duwden om zelf vooraan te staan bij een spelletje waar ze ogenschijnlijk veel te groot voor waren en als laatste die kinderen altijd maar weer rotzooi wilden trappen. Ik neem ze niets kwalijk, maar de ouders die erbij hoorden des te meer.

Kijk ik nu terug op een nare, slechte week? Nee, helemaal niet. Dat van Donald Trump blijft wel aan me knagen, maar verder kijk ik om me heen en zie twee lieve kinderen die een paar handjes pepernoten hebben gescoord en dan de Pieten links laten liggen, want “we hebben wel genoeg pepernoten mamma.” De houtkachel heeft overuren gemaakt in het huis en de kaarsen zorgen voor extra warmte. Ik lees een bijzonder boek, Het evenwicht van Martin Bril. Mijn vrienden zijn weer veilig thuis na een paar dagen Rome, mijn kind zwemt bijna af voor haar A-diploma, mijn brandend maagzuur verstopt zich (tijdelijk) en als klap op de vuurpijl staat er op dit moment voor me een vader die zo veel van zijn kinderen houdt dat hij zich heeft laten transformeren tot vrouw: bloesje aan, rokje rond de knieën, kralenketting om en alle nageltjes van zijn vingers in verschillende kleuren geverfd.

Het hoeft niet zo ingewikkeld te zijn. Soms geeft de grootste eenvoud het mooiste geluk.

Charley

Ergens eind 2008 ging ik naar mijn favoriete museum in Rotterdam: Boijmans Van Beuningen. Daar was een expositie die me greep. Ik kende Charley Toorop uit de kunstgidsen, maar ik had haar werk nooit in het echt gezien.

De tentoonstelling kreeg de pakkende titel ‘Vooral geen principes! Charley Toorop’. In een persbericht bij de tentoonstelling wordt het volgende geschreven. Charley Toorop (1891-1955) geldt als de krachtigste vrouw in de Nederlandse schilderkunst van de twintigste eeuw. Ze schiep een eigenzinnig, zelfbewust en sociaal bewogen oeuvre. De tentoonstelling maakt inzichtelijk hoe sleutelwerken passen binnen het oeuvre, dat wordt gekenmerkt door een confronterend realisme. Bij Charley Toorop is schilderkunst de ultieme vorm van zelfverwerkelijking.

Uit een kunstboek haal ik de volgende informatie. Charley Toorop, geboren 24 maart 1891, wordt beschouwd als de krachtigste vrouw in de Nederlandse schilderkunst van de twintigste eeuw. Ze schiep een eigenzinnig, zelfbewust en sociaal bewogen oeuvre. Ze was in haar tijd een moderne, zelfstandige en uitgesproken vrouw, stond haar mannetje en kwam daar ook voor uit. Volgens sommige critici in die tijd had ze ‘mannelijke trekken’ en de reputatie van een tamelijk meedogenloze vrouw die uitsluitend voor de kunst leefde, haar drie kinderen links liet liggen en talloze minnaars heeft versleten. Wat waar lijkt te zijn, is dat Charley van haar kinderen hield, maar geen tijd voor ze vrij maakte; haar atelier was verboden terrein voor de kinderen. Zelfs haar echtgenoot Henk Fernhout moest wijken voor de kunst. Het verhaal gaat dat hij ooit uit pure frustratie een doek van haar aan flarden heeft gesneden. Hoewel Charley gek was op haar man, hield hun huwelijk geen stand en scheidden ze. 

Ze voert mee op de stroming van het expressionisme, maar stapt in de jaren 20 en 30 van de vorige eeuw over op een realistische stijl, zeer expressief. Dat werk bewonder ik van haar. De kracht die dat werk uitstraalt is fenomenaal.

In 2008 stond ik in een grote zaal in het museum en raakte overdonderd door deze vrouw. De manier waarop zij mensen een gezicht geeft. De blik in de ogen van die mensen grijpt je naar de strot. Het is rauw en echt. Haar zelfportretten zijn zo beeldend dat het haast onmogelijk is om ooit een foto van de vrouw, laat staan de vrouw in het echt te zien. Zij is haar beeld en haar beeld is zij. Later toen ik de catalogus door had genomen en haar levensverhaal had gelezen, besefte ik ook nog eens hoe bijzonder deze vrouw was. Ze leefde voor de kunst en deed wat ze moest doen voor die kunst. Geen concessies omdat ze een vrouw was of omdat ze een moeder was of omdat ze een echtgenote was. Geen concessies. Ze noemen Charley Toorop eigenzinnig. Dat woord doet haar tekort. Ik beschrijf haar liever als Kunstenaar met een grote K. Afbeeldingsresultaten voor Charley Toorop Schilderijen

Ook deze vrouw die zo krachtig in het leven stond, is een groot voorbeeld voor veel vrouwen. Je kunt namelijk je passie uitvoeren, ook al bevindt die passie zich in een zelfbenoemde “mannenwereld”. Doe wat je hart je ingeeft en ga daar voor. Heel mooi en krachtig.

Trump

Ik heb een onrustige nacht achter de rug. Telkens schoot ik wakker en greep met mijn slaaphoofd naar mijn telefoon. Was er al nieuws? Is het al beslecht? In de vroege ochtenduren zag ik dat het nog niet definitief was. Hup: snel uit bed. Kinderen aankleden, ontbijten en op de fiets de kinderen naar school brengen. Gelijk door voor boodschappen en dan het nieuws aanzetten. Ik loop de supermarkt binnen en check op mijn mobiel het laatste nieuws. Met hoofdletters staat het er en ik voel dat ik het warm krijg. Die kapitalen kijken me aan en ik kan het gewoon niet geloven.

Menig lezer vindt dit misschien een overdreven reactie, maar op dat moment daar bij de appels flitsten de doemscenario’s voor mijn ogen voorbij. Ik kan het nu nog steeds niet geloven, maar het is waar: Donald Trump is president van de Verenigde Staten geworden.

Ik kijk om me heen, maar niemand geeft een blijk van herkenning dat ook zij geschokt zijn. Iedereen stopt gewoon spruitjes in een mandje, stukje vlees erbij. “Goedemorgen mevrouw, goedemorgen meneer”, en zo loop ik door de supermarkt. Ik vergeet kip mee te nemen voor de pasta. Loop wat doelloos rond, reken af en de caissière wenst me een prettige dag. Hoe kan dat?

Thuis luister ik naar de speech van Trump en hoe hij er voor iedereen is. Dat het belang van Amerika voorop staat, maar dat hij met de rest van de wereld vrienden wil zijn. Hij is de brenger van welvaart en voorspoed, en alles komt goed.

Ik geloof het niet, word misselijk. Deze man die zich zo vrouwonvriendelijk heeft uitgelaten, die een muur wil bouwen om de buren buiten te houden, die Poetin een toffe kerel vind, die zich rascistisch uitlaat over zijn anders gekleurde medemens,  die man wordt nu de machtigste man van de wereld. De man die gebruik maakt van de verdeeldheid in zijn eigen land, is er nu opeens voor iedereen. Voor elke Amerikaan, welke kleur, afkomst je dan ook hebt, of je geld bezit of niet. Ik geloof het niet en type als een malle deze blog. Als mijn toetsen het konden uitschreeuwen dan deden ze dat. Wat gebeurt er toch?

Dan kijk ik CNN en hoor een wijs man zeggen dat de kiezer misschien niet eens per definitie voor Trump heeft gekozen, maar meer tegen het establishment.  De gevestigde orde is nu zeker wakker geschud. De democraten hebben een pak slaag gekregen, maar wij ook. De hele wereld heeft morgen blauwe plekken en ik maak me zorgen. Misschien overdrijf ik. Ik hoop het.

Kalm

Al langere tijd heb ik last van mijn maag. Opgeblazen gevoel, brandend maagzuur en veel boeren. Nu vind ik dat laatste zelf niet zo een probleem, want ik probeer woorden te boeren en het alfabet. Maar dat brandend maagzuur is toch zo naar. Echt smerig vind ik dat en het breekt met een rotgang de glans van een heerlijk langdurige avondje tafelen af. Bah.

Na diverse medicatie proefjes was de dag gekomen voor nader onderzoek en dat betekent: de maag bekijken. Ik wilde in eerste instantie niet weten wat er zou gaan gebeuren, maar uiteindelijk bleek het beter als ik voorbereid naar het ziekenhuis zou gaan. Ik wist dus wat er zou gebeuren en de tip van de huisarts was: blijf kalm.

Nou, dat moet lukken dacht ik nog. In de heetste stormen blijf ik meestal verrassend kalm. Tijdens drie bevallen kon ik met mijn ogen dicht mijn ritme vasthouden en door de helse pijnen ademen en de instructies van de verloskundige volgen. Ik kan me concentreren op mijn ademhaling en ook mediteren is mij niet vreemd. Met een positief gevoel vertrok ik, licht zenuwachtig, naar het ziekenhuis.

Eerst werd er nogmaals kort uitgelegd wat er zou gaan gebeuren en toen begonnen we. Een drietal pufjes spray werd in mijn keel gespoten, daarvan moest ik al kokhalzen. Dat begon goed. Blijven ademen dacht ik. Blijf kalm! De spray zorgde voor een licht verdoofd gevoel en slikken ging al moeilijker, terwijl dat nu juist van belang was. Toen moest ik op mijn linkerzij gaan liggen, een bijtring in zodat ik dat draad niet kapot zou bijten en de slang werd ingebracht. Ik had mijn bril afgedaan en ogen gesloten. Blijf kalm, dacht ik. De slang ging mijn keel in en langs mijn huig en onmiddellijk voelde het alsof ik gewurgd werd. Ik moest kokhalzen en slikken. Speeksel werd in een raptempo aangemaakt en het kokhalzen ging over in braken. Blijf kalm werd er nu om me heen gezegd. De tranen spoten uit mijn ogen. Ik kreeg het benauwd en ik lette helemaal niet meer op mijn adem. Gelukkig stond er een vrouw naast me met een doekje me bemoedigende woorden toe te spreken, maar toch raakte ik totaal in paniek. Geen rust en al helemaal niet kalm.

Na tien minuten kwam ik weer buiten en moest even bijkomen. Mijn man keek me geschrokken aan. “En?” vroeg hij. Ik wist niet wat ik moest zeggen. Het enige wat er uitkwam was: ik was niet kalm.

Nu kijk ik terug op deze ervaring en heb ik diep respect voor de vrouw die mijn tranen en braaksel opruimde. Zij doet dit werk dag in dag uit. Zij blijft kalm voor anderen. Zonder haar had ik het niet gered. Het is nu avond. De dag is alweer bijna om, het moment is weer voorbij en voor het eerst vandaag voel ik me weer kalm.