ADD

Ik lijd aan een ernstige vorm van ADD. Natuurlijk mag ik daar geen grappen over maken, want het is echt heel ernstig. Maar nu ik schrijf over mezelf en mijn aandoening, vind ik dat ik los mag gaan. Het zegt verder niets over een ander, zeker niets over die mensen die ook aan ADD lijden. Ik ken er in ieder geval één. Dat is diegene met wie ik mijn genen voor een deel deel.

Maar goed, sinds gisteren heeft de kwaal in alle hevigheid zijn kop opgestoken en zich genesteld in mijn lijf. Vooral in mijn kop. Dat gedeelte is vooral heel gevoelig voor ADD. Elk jaar rond deze tijd is het raak. Net zoiets als hooikoorts. Met de lente in aantocht, is het virus niet te stoppen. De lezer vraagt zich misschien af of ik met ADD doel op attention dificit disorder? Die frustrerende kwaal die ervoor zorgt dat je niet langer dan 10 seconden naar een vel met woorden kunt kijken. De oplettende lezer, vooral diegene die wel eens een blog van mijn hand heeft gelezen, weet al gelijk dat ik het daar niet over heb. Waar dan wel over?

Het gaat om het hardnekkige virus, syndroom, obstakel, de aandoening, de last, de zonde: After Donner Dip. Deze door twee talen gefabriceerde afkorting heb ik al lang geleden opgelopen en stak gisteren wederom in alle hevigheid de kop op. Het is natuurlijk allemaal de schuld van de Boekenweek. Een week waar ik kriebels van krijg. Ik wil dan zo veel mogelijk nieuwe schatten aanschaffen en mijn leven verrijken met literatuur. Gisteren kwam Connie Palmen naar Donner om een interview te geven en te signeren. Daar moest ik bij zijn. Zuslief ging mee. Op krukken strompelden we van haar huis naar de tram. De tram was zo lief ons voor de deur van Donner af te zetten en daar strompelden we met een slakkengang verder. We betraden Donner en voelden de spanning in de lucht hangen. Die spanning die je hebt als je een boekwinkel binnen gaat en weet dat al je verwachtingen waar gemaakt gaan worden binnen enkele minuten, dan wel kwartieren. Donner schotelde ons een heerlijk taartje voor met een bakkie troost. Ook al hadden we op dat moment geen troost nodig. Puur geluk drong diep onze aderen binnen.

Connie kwam binnen met haar bijzonder kleine entourage, nam plaats op het podium en beantwoordde met haar zwoele stem alle vragen van Marcel Möring. Een amusant interview werd het met diepe inzichten in de vrouwen die ze heeft bestudeerd. Getroebleerde vrouwen die een pad kozen wars van alle conventies. Connie Palmen schreef het Boekenweek essay. Ik kreeg het warm van haar. Laafde me aan haar intellect.

Ze signeerde mijn boek en ik kon het niet laten. Ik vroeg haar hand. Ze stak hem uit, een zachte mooie hand en ze schonk me daarbij een glimlach. Ik raakte ontroerd. De tranen welden op en ik kon ze nog net op tijd inslikken. De rode kleur op mijn gezicht verried alsnog mijn emoties. Ik was ondersteboven. Ondersteboven van een vrouw die ik alleen ken van de woorden die ze gebruikt en de betovering die ze me geeft. Het was een vreemde gewaarwording om de vrouw die een cruciaal onderdeel van mijn leven en mijn vorming is, te ontmoeten. Met haar aanraking vloeide ze voor een deel in me en daar was ik ondersteboven van.

Na een heerlijke lunch en een tas vol nieuwe schatten, hobbelden mijn zus en ik terug naar de tram. Daar zaten we achter elkaar met de zon in ons gezicht, stil te zijn. Onder de indruk, gelukkig en voldaan. Het gat waar we in vielen was diep. ADD is een monster dat je grijpt als je er even niet op beducht bent. Er is maar één remedie tegen dit gedrocht en dat is lezen. Dat heb ik dan ook gedaan, bijna de hele dag. Resultaat: twee boeken uit en een herinnering in mijn hand.

Eindelijk

de dag begon
zoals altijd
een dag begint
uitrekken, bril opzetten,
plassen, aankleden
niet ontbijten

een slok water
maakt me wakker
niet wetend wat me brengt
zoveel later

werk, praten en praten
opeens die vinger
wijzend en ogen
die priemen

woorden stromen uit je
mond, lippen bewegen
lucht verplaatst zich
stroomt mijn gehoor binnen

luid en helder of zoals
men zegt onomwonden
geen doekjes te bekennen
van binnen springt het licht aan

het licht van lucht, stof verteerd
de ruimte groeit en alles ruikt
naar lavendel en jasmijn
klare boel, papieren dwarrelen weg

mijn mondhoeken krullen op
elk spiertje spant zich aan
armen verliezen de controle

ik spring, dans, zie lammetjes,
hoor de narcissen trompetteren,
bevangen door alle kleuren

de dag begon en voor het eind
sta ik op mijn kop, schreeuw het uit
hier heb ik op gewacht

de ruimte verliest haar macht
geeft me terug de kracht
en in jouw aanzien lach ik zacht

 

 

 

Aanzet 2

Aanzet tot…

Als ik jou nu loslaat,
verlies ik dan mezelf
dat stukje vlakbij mijn hart
hartverscheurend gebroken

Als ik jou nu loslaat,
vergeet ik dan mezelf
die blik in de spiegel
het beeld van geluk

Als ik jou nu loslaat,
laat ik dan mezelf gaan
vertrek ik naar onbekende
bestemming zonder remming

Als ik jou nu loslaat,
stopt dan de wereld met draaien
stokt mijn adem
verstomt de dag

Als ik jou nu loslaat,
gebeurt er niets
een modewoord maakt niet
dat het gevoel er is

Als ik jou nu loslaat,
zijn slechts woorden
betekenisloos en onzinnig

laat als los ik nu jou

 

Week

Het is nog maar donderdag en ik blik al terug op een hectische week. Maandag werd ik gegrepen door een buikgriep. Op mijn werk begonnen de letters van mijn computerscherm af te springen, kreeg ik het de ene keer heet en daarna weer koud en werd ik misselijk van aan eten denken, laat staan van de geur ervan. Thuis gekomen dook ik mijn bed in en de dag erna was ik niet veel waard. Wat is buikgriep toch naar en wat is het o zo fijn dat we boven een tweede toilet hebben. Tjonge jonge, wat voelde ik me daarna slap.

Het leek me beter een dagje thuis te blijven. Al hangend en kreunend en steunend lag ik op de bank debatten te kijken. Ik kreeg een overdosis politiek tot me en over me heen. Boeiend, tot een bepaalde mate. Ik merkte dat bijna iedereen hetzelfde zegt, maar net wat anders verpakt. Want het gaat natuurlijk allemaal om ons, en onze identiteit en onze normen en waarden en ons geluk en bla bla bla. Op een gegeven moment kon ik aan de hand van de vraag het antwoord van VVD of D66 of GroenLinks zo uitspugen.

Dan nog dat gedoe met die fijne president in een zuidelijk gelegen land. Elk nieuwsbericht nam ik tot me. Op het hoogtepunt van mijn uitwendige explosies begon ik ook steeds meer te imploderen.

En daarna, die lang verwachte verkiezingen. Natuurlijk heb ik gestemd. Gisteren toog ik met vriendin en in totaal 4 kleine meisjes naar de stembus. Had even ruzie met het stembiljet, kreeg het namelijk niet meer netjes teruggevouwen en toen ’s avonds zat ik aan de buis gekluisterd. De voorlopige uitslag viel me tegen, maar nu. De dag erna, na al dat politieke gedebatteer, geneuzel en gezeur, merk ik dat ik in een zwart gat ben gevallen. Gelukkig was ik weer fit genoeg om te gaan werken, maar ik voel nog steeds het zwarte gat. Geen one-liners, geen “u staat centraal”, geen “Nederland is voor de Nederlanders”, geen “de koopkracht gaat er voor iedereen op vooruit”, geen “afschaffen eigen risico”. Niets van dat alles. De strijd is gestreden. Iedereen is moe. Het formeren kan beginnen en ik, ik wacht maar weer af. De buikgriep is vertrokken en met al die ellende die daarbij hoort, eigenlijk ook mijn interesse in Den Haag. Laat de lente maar komen. Tijd voor de krokussen en narcissen. Die maken elk jaar hun beloftes waar.

 

Zorgen

Het mooie weer zou een onderwerp voor een blog kunnen zijn, maar ik krijg het er niet uit getikt. Waarom niet? Omdat ik me zorgen maak. Zo dat lucht op. Het is er uit. Ik maak me zorgen. Vandaag iets meer dan een week geleden. Ik maak me zorgen om het politieke klimaat in Nederland. Ik maak me zorgen om de komende verkiezingen en met name de uitslag daarvan. Trump heeft me de stuipen op het lijf gejaagd, maar wat er dit weekend zo dicht bij huis is gebeurd maakt dat ik de zenuwen voel gieren door mijn lijf.

Nu ben ik benieuwd of er nog meer mensen zijn die zich zorgen maken of dat iedereen met de kop in het zand op het strand staat. Ik maak me zorgen om zo veel, maar nu vind ik alles wat er gaande is met Turkije heel heftig. Wat ik daar zo heftig aan vind is het volgende. Een van dictatoriaal gedrag beschuldigde president wil een wet veranderen. Dat kan, denk je dan. Hij wil een wet veranderen om vooral zichzelf meer macht toe te schuiven. Een ieder die daar over wil discussiëren wordt gevangengezet, ontslagen of op een andere wijze monddood gemaakt. Die president wil natuurlijk dat zo veel mogelijk mensen die wet ondersteunen. Dus daar schrijft hij een referendum voor uit. Klinkt als een soort van democratie, behalve dan dat de uitslag al vaststaat. Om zo veel mogelijk mensen te bereiken gaat de president de boer op en stuurt wat medewerkers de hort op om zieltjes te winnen. Een aantal van die zieltjes woont in Nederland. Nu besluit het Nederlands kabinet dat ze zo een zieltjes-win-actie niet zo handig vinden, want ze zijn nu net zelf druk bezig met zieltjes winnen. Plus daarbij komt dat ze het nogal wat dictatoriale regime niet echt passend vinden in deze tijd en binnen Europa, dus ze geven aan dat het beter is om niet naar Nederland te komen om actie te voeren of te praten over het referendum. Met zachte hand, diplomatie noemen ze dat, proberen ze de president te overtuigen van hun standpunt.

Dat valt slecht. Wat uiteraard te verwachten is, want een persoon met dictatoriale neigingen moet je niet vertellen wat hij wel of niet moet doen. Dat is nu juist zijn taak. Klein ego-dingetje ontstaat dan. President boos en roept dat het Nederlands kabinet nazistisch is en dat ze allemaal fascisten zijn. Ik zie ergens een pot en een ketel. Vult u zelf maar aan. Dan vervolgens komt er toch een mevrouw, de minister van Familiezaken welteverstaan, met de auto naar Nederland om toch te komen praten over dat referendum. Ze wordt niet toegelaten, haar veiligheidskordon wordt niet vertrouwd en steeds meer mensen zijn nieuwsgierig wat er gaande is en verzamelen zich buiten op een plein. Het is een zachte avond, dus wat buiten hangen is geen straf.

Dan opeens is een politieke rel geboren. Mevrouw zegt dat ze onheus is bejegend. President roept dat hij keiharde sancties gaat uitvoeren en wij werken in de tuin om het groen van de tegels te schrobben. Maar die zorgen grijpen me bij de strot. Wat nu als dit ego-akkefietje opeens leidt tot een idee dat Nederland misschien beter bij België kan gaan horen? Je weet nooit wat voor ideetjes een megalomane van dictatoriale neigingen verdachte president kan hebben. Of misschien is het wel voer voor een Nederlandse Tweede Kamerverkiezing die in het teken zou moeten staan van onderwijs, gezondheidszorg en milieu, maar nu door allerlei lieden wordt gekaapt om een andere reden. En, waar gaat het naar toe? Had Nederland beter niet ingegrepen om zo een rel te voorkomen en het hoog in het vaandel staande principe “vrijheid van meningsuiting voor iedereen” hoog te houden? Wat is er nu eigenlijk echt gebeurd en waarom?

Nu ik daar dus de vinger niet op kan leggen, kan ik ook mijn zenuwen niet tot de orde roepen. Uiteraard ga ik woensdag wel stemmen. Ik stem nog steeds voor een betere, eerlijkere en gezonde wereld. Voor iedereen, ook voor onze medeplaneet bewoners in Turkije.

Wereldwinkel

Vrijdag vierde de Wereldwinkel Tholen haar (ik vind die wereldwinkel echt vrouwelijk) 25 jarig bestaan. Reden voor een feest en ik was gevraagd om een toespraak(je) te houden. De nadruk moest komen te liggen op het feestelijk aspect van de dag en niet zozeer dat de winkel besloten heeft dit jaar de deuren te sluiten. Dus feest met een klein grijs wolkje aan de stralende hemel, zullen we maar zeggen.

Dit was mijn speech:

Wereldwinkel Tholen: 25 jaar. LEF en VERBINDING

Wereldwinkel Tholen bestaat 25 jaar. Als ik aan de Wereldwinkel denk dan schieten er twee woorden binnen: Lef en Verbinding. En dan Lef met een hoofdletter L en Verbinding met een Grote V.

De Wereldwinkel ontstaat in Tholen in de jaren 90 van de vorige eeuw. Een tijd waarin de wereld op zijn kop stond. De Koude Oorlog was net afgelopen en er brak alweer een nieuwe oorlog uit, de Golfoorlog. De jaren waarin de Duistlanden zich verenigden en Nelson Mandela na jarenlange gevangenschap vrij kwam. Ook een tijd waarin we een nieuwe wereld kregen, namelijk een digitale en mobiele wereld. Internet doet zijn intrede. We kunnen andere landen bezoeken vanuit onze luie stoel, achter de computer. Met een mobiele telefoon zijn we altijd en overal bereikbaar. Ook is er sprake van een opbloeiende wereldeconomie. De beurzen stijgen de pan uit. De welvaartstaat staat op barsten. Het gaat goed met Nederland en met de Nederlanders. De werkloosheid is laag en de welvaart hoog.

Dit betekent ook iets in mentaliteit. Mensen hebben elkaar minder nodig en raken steeds meer op zichzelf. Het individu staat centraal en de individualiteit viert hoogtij.

En dan als tegenwicht tegen dit alles beginnen een aantal wereldburgers een initiatief in Tholen. Het gaat namelijk niet met iedereen in de wereld goed. Er is nog steeds veel armoede en ongelijkheid en dat vinden deze moedige initiatiefnemers onrechtvaardig. Deze mensen tonen naast betrokkenheid wat mij betreft LEF. Lef om in een individualistische maatschappij even stil te staan en te concluderen dat de wereld van ons allemaal is en dat het wel degelijk uitmaakt waar je wieg staat, terwijl wij allemaal recht hebben op gezondheid, veiligheid en geluk.

Lef dat zich uitbetaalt, want vandaag vieren we het 25 jarig bestaan van de Wereldwinkel in Tholen.

Persoonlijk betekent de Wereldwinkel ook veel voor mij. Ik liep na een verdrietige periode binnen en vroeg of de winkel nog vrijwilligers kon gebruiken. Ik had behoefte aan zingeving en (hier komt het tweede woord) Verbinding. Door mijn verdriet was ik de verbinding met een heleboel mensen kwijt geraakt en ook op een bepaalde manier met mezelf. Ik wilde iets goed doen. Iets goed voor een ander. Ik was inmiddels al twee keer in Gambia geweest en één maal in Zuid-Afrika. Daar heb ik gezien hoe de wereld er ook uit kan zien. Op blote voeten kilometers lopen voor schoon water bijvoorbeeld. Je behoefte doen in een goot zonder je handen te kunnen wassen. Elke dag een beetje rijst eten en verder geen andere voedingsmiddelen tot je beschikking hebben. Wonen in een hutje gemaakt van leem.

Ik werd welkom geheten en voelde me gelijk verbonden. De vrijwilligers zetten zich dag in dag uit in voor een ander, die ander die ze niet kennen. Zij voelen zich verbonden met die ander.

Ik begon als vrijwilliger en stond op vrijdagavond en zaterdag in de winkel. Ik was mijn eigen beste klant, want telkens als ik om me heen keek ontdekte ik weer iets moois of iets lekkers. Na een tijdje werd ik gekozen in het bestuur en heb ik mijn best gedaan om een bijdrage te leveren. We hebben een nieuw uiterlijk voor de winkel bedacht met een mooi nieuw logo. Fantastisch vond ik dat. Er kwam zo veel energie vrij bij de vrijwilligers en de verbinding was voelbaar.

Door de Wereldwinkel ben ik nog bewuster geworden van de ongelijkheid in de wereld en over mijn eigen geluk. Mijn wieg stond aan de goede kant. Daarnaast heeft de Wereldwinkel mij veel geweldige herinneringen opgeleverd en een hechte vriendschap met Annie. Met haar heb ik de Afrikadag georganiseerd en daar kijk ik met een warm gevoel op terug. Dat was een fantastische dag, vol verbinding. Ook heeft Tony Chocolonely een plaats in mijn hart veroverd. De wereldwinkel was de eerste die deze heerlijke en eerlijke chocolade begon te verkopen.

Ik wil afsluiten met een gevoel van trots. Trots op alle vrijwilligers en trots op alle klanten. Met zijn allen zijn wij verbonden en we maken met elkaar de wereld net een stukje beter, eerlijker.

Ook getuigt het besluit van de Wereldwinkel om dit jaar te stoppen van lef. Lef om de realiteit onder ogen te zien. Lef om een lastig besluit te nemen. Gelukkig is een deel van de taak van de Wereldwinkel voltooid. Fair Trade staat op de politieke agenda. Duurzaamheid is een begrip dat niet meer weg te denken is en mooie eerlijke producten staan in de supermarkten.

Wat mij betreft heffen we het spreekwoordelijke glas op de Wereldwinkel. Op al die mensen die zich jarenlang hebben ingezet. Jullie verdienen een welgemeend: Dankjewel.

Mijn leven is blijvend veranderd. Dank jullie wel.

 

 

Gevangenis

Een gevangenis is
een dubbele muur
een van leem
de andere
een groot aantal
lagen prikkeldraad
beide afschrikwekkend.
De buitenste muur
wordt bewaakt
vanaf wachttorens.
De andere
is de gevangenis
aan de binnenkant,
waar ze je zullen timmeren
tot een replica
van zichzelf,
wie ze ook zijn.

Mila Aguilar