Opdracht I

De eerste opdracht voor mijn online schrijfcursus deel ik via mijn blog. Zodra ik een reactie krijg zal ik die ook vermelden. De opdracht was om een verhaal van maximaal 1000 woorden te schrijven dat zich afspeelt in de supermarkt. Dit is het geworden.

De eerste stap

Mark wist dat hij het juiste moment moest uitkiezen en voelde dat vanochtend dat moment was. Het was nu drie weken geleden. Drie weken dat Miranda niet buiten was geweest, zich aan haar bed vastklampte, bang om het leven in de ogen te kijken. Ze probeerde om alles te laten stoppen zodat zij geen moeite meer hoefde te doen om iets van haar leven te maken. De eerste van de drie weken had ze naar het plafond gestaard of naar de muur als ze zich had omgedraaid. Slapen kon ze niet, huilen en schreeuwen wel. Oerklanken stootte ze uit. Deze schreeuwen zwakten na verloop van tijd af in geluid, maar nimmer in intensiteit. Mark hield haar in zijn armen en streelde haar haren. Daar werd ze rustig van. Pas na haar eerste sessie met Stefan, haar psycholoog, begon ze in slaap te raken. Ze sliep onrustig en kort, maar ze sliep wel en dat was het begin van herstel. Miranda wist dat als ze niet sliep ze gek zou worden, rijp voor een gesticht. Zover kwam het niet en nu zou ze vandaag het advies van Stefan opvolgen en voor het eerst sinds drie weken naar buiten gaan.
Mark bracht haar ontbijt: een beschuit met aardbeien met basterdsuiker en een kop groene thee. Hij bleef even in de deuropening naar haar kijken. Miranda zat rechtop in bed in een tijdschrift te bladeren. Ze zag er moe uit, had rode ogen en donkere kringen onder haar ogen. Haar haren zaten in de war en haar gelaat was bleek. Ondanks al het verdriet vond Mark haar nog even prachtig als drie weken geleden toen ze nog stralend zwanger was van hun zoon. Mark zag dat om Miranda een vleugje hoop hing. Dat vleugje dat hij al weken miste.

Na het ontbijt trok Miranda haar joggingbroek aan en de dikke sweater waarmee ze de afgelopen weken  verbonden was geraakt. Ze ging naar buiten en daar zag ze tegenop. Ze wilde zich hullen in een deken van veiligheid. Haar haren trok ze recht, haar gezicht werd verwend met een crème en haar tanden werden zorgvuldig gepoetst. Miranda voelde zich frisser en liep de trap af. Met elke tree die ze betrad voelde ze dat ze dichterbij een deel van haar leven kwam die zou afspelen zonder Teun. Haar lieve zoon die ze drie weken geleden dood ter wereld bracht. Nu was ze een moeder zonder kind en moest zij verder.
Mark gaf haar een stevige hand en ze liepen samen naar buiten. De zuurstofrijke lucht sloeg in haar gezicht en benam haar voor een moment de adem. Haar ogen begonnen te prikken. Mark vertelde haar tijdens het lopen iets over de hond en vulde daarmee de open ruimte. Ze hield zijn hand nog iets steviger vast. Ze moest er door heen. Ze gingen boodschappen doen, op advies van Stefan. Boodschappen doen hoort bij een normaal leven en het zou haar helpen weer in haar normale ritme van het leven te komen.

De supermarkt bevond zich om de hoek. Na een minuut of vijf kwamen ze eraan en Miranda ademde diep in en liep door de automatisch opengaande deuren. Mark gaf haar een arm en in zijn andere hand hield hij een mandje vast. Er zat een achtergebleven boodschappenbriefje in. Een briefje van iemand die wel zijn leven in eigen hand had of niet? Miranda voelde de kou van de supermarkt en rilde, ook het felle door tl-lampen verspreidde licht deed haar huiveren. Ze ademde uit. Behendig werd ze door Mark door de groente- en fruitafdeling gedirigeerd. Een zak roodgele appels gingen in de mand tezamen met een wok groentepakket voor de pasta. Mark stopte vijf gele kiwi’s in een zakje en woog ze af om de prijs erop te kunnen plakken. Vervolgens liepen ze samen naar de afdeling brood. Het rook er naar afgebakken croissants. Miranda voelde geen aandrang om er een paar mee te nemen, terwijl ze dol was op deze Franse lekkernij. In het mandje belandden verder nog een half gesneden volkorenbrood, gesneden oude kaas, gehakt en pastasaus.

Mensen groetten Miranda en liepen verder. Niemand sprak haar aan of gaf haar een blik vol medelijden. Daar was ze bang voor geweest. Bang dat ze plotseling overvallen zou worden door haar eigen verhaal. Mark voelde dat de arm van Miranda verslapte, ze ontspande zich. Hij durfde het aan haar los te laten en een opdracht te geven. Hij vroeg of ze een toetje kon pakken. Miranda liep de koelruimte binnen waar alle zuivel stond: pakken melk, karnemelk, yoghurt, kwark, vla, pudding en slagroom. Het was hier nog kouder en plots verlamde ze. Haar benen leken bevroren aan de grond, haar hart begon sneller te kloppen en ook al had ze het koud zweetdruppeltjes stroomden langs haar rug. Zo veel keuze, zo veel pakken, zo veel kleuren, zo veel letters. Wat moest ze kiezen? Haar kind was dood en wat voor toetje moest ze nu kiezen? Ze stopte haar handen diep in haar zakken. Ze wist het allemaal niet meer. Wat deed ze hier? Waar was Mark? Waarom is Teun dood? Wat gebeurde er toch allemaal? De tranen welden op en haar neus begon zich te vullen met snot en ze zocht in haar zakken naar een zakdoek. Mark greep haar stevig vast, zei niets, griste een pak vla uit het schap en loosde haar naar de kassa. De gangpaden vervaagden. Miranda zag niets meer. Het geluid van de scanner bracht haar weer terug. Dat vertrouwde geluid herinnerde haar aan het nu. Ze ontspande, tilde haar hoofd op en keek de kassière aan. Mark betaalde en de kassière wenste hun een hele fijne dag. De eerste stap naar een fijne dag was gezet. Vermoeid maar ook trots liepen ze hand in hand terug naar huis.

Dankbaar

De liefde heeft hoogtij gevierd.

Gisteren waren we omringd door vrienden, familie en collega’s (maar dan wel die aller aller liefste collega’s waarvan eigenlijk het stempel “vrienden” gewoon veel beter passend is en vanaf nu ook gewoon vrienden worden genoemd- om een korte zin overbodig lang te maken- excuses daarvoor). Nieuwe mensen leerde ik kennen en leuke gesprekken zijn er gevoerd, maar bovenal werd er veel gelachen en genoten van het eten, drinken en elkaars gezelschap. Ik had van te voren niet bedacht hoe het feest zou uitpakken, maar dit was wel beter dan ik had kunnen fantaseren. Het ontroerde me dat zo veel mensen ons zo een warm hart toedragen. De mooie woorden op de kaarten koester ik.

Mijn tante die heel erg ziek is, was erbij en genoot. Dat was absoluut een hoogtepunt. De collega’s van mijn man die zich afzonderden, maar onmiddellijk aansluiting vonden bij mijn zus, genoten van de tap en hun oergevoel kwam heerlijk los bij de BBQ. De familie die gezellig met elkaar aan het keuvelen was, Annie en Paulus die met Pauline een knus hoekje hadden gevonden en dan de statafel met mijn collega’s -pardon vrienden-. Iedereen vond een plekje. Ik leerde Nicole kennen en daar ben ik dankbaar voor. Wat een mooie vrouw met een heerlijke persoonlijkheid. Op en top verliefd en zoenend met een vrouw in mijn tuin, hoe fantastisch is dat om mee te maken. Pepe en Gerda (mijn allerliefste werkmaatjes), Marjan en Maaike (mijn kunstzinnige zusters), Marizella (kort maar krachtig aanwezig), Cees en Mieke (altijd gezellig) en alle hulp van PG en Diana. Oma Nellie -de door ons uitgeroepen oma, waarmee totaal geen bloedrelatie bestaat- die gezellig aan tafel bij de familie zat. En dan uiteraard mijn directe familie, met de kleinste telg van drie maanden die overprikkeld naar huis vertrok. Het einde was hilarisch met een beschonken zwager die een totaal andere taal spreekt dan ik en ging uitleggen dat hij heel goed zijn hik weg kan krijgen. Dat ging ongeveer zo: ‘ik ben de hik helemaal master weet je. Ja man, dat is niet normaal, begrijp je, want ja als ik dan gewoon man, dat is toch duidelijk? Ik master die hik. Master tot de max. Echt wel. Ga ik vet rijk mee worden met masterclasses hik-les geven en zo, of niet man. Ach vet jongu.’

Het was een memorabel feest. We hebben genoten, zijn dankbaar voor de aanwezigheid van iedereen. Uiteraard ook diegenen die in deze blog geen hoofdrol hebben gekregen. Zoals velen tegen ons hebben gezegd: ‘Op naar de 25 jaar.’ Daar zijn we vandaag alweer een stapje dichter bij gekomen. En laten we dan vooral niet vergeten elke dag even elkaar aan te kijken en te herinneren dat de liefde elke dag gevierd mag worden. Dat hoeft niet altijd met een tap en een BBQ, een blik, een kus is al voldoende.

 

Kijken

Liefde is niet naar elkaar kijken,
maar op dezelfde manier
naar de wereld kijken.

Antoine de Saint Exupéry

 

De regen kan mij niet deren,
de zon zal ik begeren,
meer nog in gedachten,
met jou in een tentje,
verstrengeld in elkaar,
onze energieën komen samen,
identiteiten verwisselen,
jij bent ik en ik ben jij,
we kijken naar de wereld,
lachen er om,
drogen de tranen in elkaars ogen,
en we zien,

de liefde.

12 1/2

Twaalf en een half jaar getrouwd
vlaggen, slingers en ballonnen hangen we op
drank en voedsel ingeslagen
tafels en stoelen kennen hun plaats
het wachten is gekomen
tot de gasten arriveren
vrienden, familie en collega’s
om de liefde te vieren.

Twaalf en een half jaar staat op de wettige kalender
twintig op de onze
een mijlpaal roepen ze
voor mij is het net als gisteren en
ook zoals het morgen zal zijn.

Twaalf en een half jaar en we staan even stil
bewegen op de klanken
de zoete tonen van de muziek die
ons leven kleurt.

Twaalf en een half jaar en we omringen ons
met mensen en slingers en ballonnen
om te vieren dat we de liefde hebben
om te wensen dat de liefde er alle
morgens na vandaag nog steeds aanwezig is
voelbaar, tastbaar en herkenbaar
in de blik in je ogen
in de toonhoogte van je stem
in de afdruk van je omhelzing.

Twaalf en een half jaar en de liefde die
doet bloeien en die alles laat zijn
zoals het bedoeld is te zijn
die saai is op momenten
spannend of spetterend op andere tijden
die vertrouwd is en trouw is
voor nu en morgen.

 

Uitje

Elk jaar hebben we een uitje van het werk. Dit jaar heb ik het samen met een collega georganiseerd. Het was een rustig programma in het thema “leren kennen”. We hebben met een gids door Steenbergen gewandeld en vooral naar boven gekeken. De mooiste panden zijn er te zien als je maar je ogen opent en naar boven kijkt. Ook hebben we een bezoek gebracht aan de st. Gummaruskerk en kregen we van een bevlogen vrijwilliger tekst en uitleg bij wat we zagen. Daarna vertrokken we naar Arcadia om een boerenlunch te nuttigen. Voordat we aan de lunch begonnen hebben we elkaar leren kennen aan de hand van speeddates van 1 minuut. Dat was hilarisch, want het draaideur-systeem dat we hadden bedacht zodat je telkens een ander voor je had en aan het eind van de rit tien gesprekken had gevoerd, bleek niet te kloppen. Nou ja, juristen zijn ook geen financiële mensen. Niet echt goed in wiskunde en cijfers, zullen we maar zeggen.

Het wandelen in de tuin onder het genot van een heerlijk briesje en stralend zonnetje was een welkome afleiding. We eindigden de dag met een djembee workshop. Nou dat was me wat. Tien stijve ambtenaren achter een drum. Ik heb tranen met tuiten gelachen om een collega die haar uiterste best deed en daardoor steeds roder aanliep en mij aankeek, vervolgens in de lach schoot en nog roder werd, waardoor ik weer moest lachen en de vicieuze cirkel bereikte haar hoogtepunt toen ik mijn gezicht moest afvegen van de tranen die over mijn wangen liepen. Na afloop hebben we besloten volgend jaar een spetterend optreden te verzorgen bij het Nieuwjaars ontbijt. Dan neem ik wel even een schoon onderbroekje mee, want dat houd ik nooit droog.

Deelder

Ik vind Jules Deelder de verpersoonlijking van cool. Hij ziet er altijd fantastisch uit in zijn maatpakken, maakt briljante gedichten en is een vlijmscherpe observator en intellectueel. Een groot voorbeeld. Ik heb hem nog nooit zien optreden. Dat moet echt bijzonder zijn, maar ik heb angst. Ik heb angst dat deze (in mijn ogen) grootheid van zijn sokkel valt en neerpleurt als een olifant in een waterbad. Ik weet niet waar die vergelijking vandaan komt, maar wat ik dus wil schrijven is dat ik bang ben dat Jules Deelder een arrogante kwast blijkt te zijn of te stoned is om zijn gedichten te produceren en dus dat mijn held een mens van vlees en bloed blijkt te zijn.

Om die reden pak ik er af en toe een gedichtenbundel bij en houd die stevig tegen me aan. Zo ervaar ik toch een band met de grootmeester. Vandaag heb ik behoefte aan de Eenhoorn. De bundel heet “Het lot van de eenhoorn”. Het titel gedicht is briljant en wil ik graag delen:

Het lot van de eenhoorn

Het lot van de eenhoorn
is simpel verklaard

Toen Noach vertrok
kwam de eenhoorn te laat

Staand op een rots
zagen hij en zijn maat

de Ark in de woelige
baren vergaan

Opvoeden

Ik ben er achter gekomen hoe je opvoeden met woorden zou kunnen omschrijven. Opvoeden is wachten op het juiste moment en als dat moment dan is gekomen de best passende actie (dus die actie die past bij dat moment) ondernemen.

Volwassenen denken vaak dat ze heel veel invloed hebben op kinderen en dat ze hun kinderen letterlijk kunnen maken. Volgens mij is dat dus niet zo. Kinderen zijn in mijn optiek geen onbeschreven bladen. Alles zit er al in, maar moet er nog uitkomen. Ze zitten in de grot die Plato zo mooi beschreef, te wachten tot hun andere deel naar ze toekomt. Kinderen doen alles op hun eigen wijze en binnen hun eigen ritme. Is het tijd om te rollen dan doen ze dat. Is het tijd om te lopen dan doen ze dat. Het maakt helemaal niet uit als je als ouder op je knieën gaat zitten voordoen hoe ze moeten opstaan. Ze kunnen dat vanzelf. Ze eten wanneer ze honger hebben, slapen als ze moe zijn en poepen en plassen vanzelf als het daar tijd voor is. Wij, opvoeders, zijn de begeleiders. Wij faciliteren alle voorzieningen: de luiers, de wc, het voedsel, de veilige omgeving etc.

Vandaag was weer een mijlpaal in opvoedkundig opzicht. Cato had aangegeven dat als ze vier jaar zou zijn ze zonder zijwieltjes wilde gaan fietsen. Prima, dachten wij. Gaan we doen. Dus we pakten de kleine fiets zonder zijwieltjes erbij. Na een keer of drie oefenen had ze haar balans gevonden en, nog belangrijker, haar vertrouwen en renden manlief en ik achter haar aan, het uitschreeuwend van trots. We keken elkaar aan en zeiden tegen elkaar dat we dat opvoedkundig kunstje toch maar weer mooi geflikt hadden. Nou ja, was dat wel zo? Het enige wat wij deden was vertrouwen geven en een steuntje in de rug, maar Cato trapte zelf met haar kleine beentjes en stuurde zelf de goede richting op. Ze deed het allemaal zelf. We hadden gewacht op het juiste moment en boden de ondersteuning die op dat moment nodig was. Die wisselwerking is zo mooi om te zien. Er werd niets geforceerd, geen tranen, geen gedoe, alleen maar een hele vette trotse glimlach van alle betrokken partijen. Gaaf.

Wandelen

Ik heb al een tijdje geen hond meer en wandel daardoor dus heel weinig. Best wel jammer vind ik dat. Ik trek er af en toe alleen op uit om te wandelen en dan kalmeren mijn gedachten, maar gezelliger vind ik het met iemand erbij, mens of dier. Ik neem er nu ook veel minder de tijd voor.

Vandaag kwam opeens spontaan het idee op dat de kinderen mochten logeren bij opa en oma. Dat gaf mijn lief en ik de kans weer eens te wandelen. Voordat we kinderen hadden liepen we uren. De beste gesprekken kwamen dan los. Gesprekken over de toekomst, over vakanties, over onze wensen op werkgebied en over het huis. Van alles passeerde de revue. Vanavond was onze kans. Het weer was zwoel en daar gingen we. Hup langs de dijk, langs het water en door die leuke wijk met die mooie huizen. Maar wat een relaxte wandeltocht had moeten worden werd bruut verpest. Niet door die de blaffende hond waardoor mijn hart drie keer oversprong. Ook niet door die kleine mugjes waarin ik me verslikte, maar door iets heel moderns. Hooikoorts.

Wat is dat toch naar. Ik nies me een breuk en doordat ik een paar zwangerschappen achter de rug heb, ben ik niet meer helemaal waterdicht en dat is een groot probleem als je gemiddeld 15 keer achter elkaar moet niezen. Mijn keel is ruw, mijn ogen prikken en de fut is er helemaal uit. Manlief begint ook te niezen en we kijken elkaar aan. ‘Weet je wat wij doen?’ zegt manlief. ‘Wij gaan naar huis, lekker op de bank liggen en een film kijken.’ Er zit toch een groot voordeel aan een hondloos bestaan.

Wijn

Ik lust geen wijn. Ook geen bier, geen champagne, geen prosecco, geen whisky en geen jenever. Ik lust alleen rum met cola. Niet echt een drankje dat je zomaar tussendoor drinkt. Toch heb ik een bepaald beeld van mezelf: het beeld van een genietende wijndrinker. Dat lijkt me zo gezellig. Waarom? Geen idee. Ik heb vriendinnen die wijntjes met elkaar drinken. Ik heb vrienden die uit eten gaan en zich dan storten op een goed glas. Ik hoor gesprekken over wijn. Voor sommige mensen is het meer dan een passie. Daar wil ik ook eens iets van meepikken. Ik proef hier en daar wel eens wat, maar alle wijnen vind ik even vies.

Tot vandaag. We waren in de middag een stuk gaan fietsen en kwamen uit bij vrienden. Deze mensen zijn echte levensgenieters die niet aan overdaad doen, in geen enkel opzicht. We zaten wat te kletsen. Zij zaten aan het bier. Ik aan het water. Daar heb ik totaal geen moeite mee. Ook voel ik mezelf niet minder gezellig of zoiets, maar toch vind ik het af en toe jammer dat ik niet die smaken van een goed glas bier of wijn kan waarderen. We kwamen te spreken over onze gezamenlijke geschiedenis. Ik haalde op dat deze vrienden mij brie en olijven hadden leren eten. ‘Tja’, riep ik ‘nu nog wijn.’

Geen probleem. Een fles rode wijn werd aangerukt. Ik kreeg uitvoerig uitleg erbij. In welk glas de wijn het beste tot zijn recht komt. Welk voedsel je erbij moet eten, want zo vertelde mijn vriend: ‘bij een goed glas rode wijn, hoort een lekker stevig hapje.’ Daar ging ik dan. Eerst een stukje brie, daarna een slokje rode wijn, beetje vasthouden en op mijn tong laten dansen en doorslikken. Gadverdamme toch. Echt smerig. ‘Geeft niets’, zei mijn vriend, helemaal ervan overtuigd dat het goed zou gaan komen. Er volgde nog een stukje brie. Nog maar eens proberen. Een kleiner slokje, vathouden, ronddraaien en doorslikken. Nou, dat was al beter. Een half uur later had ik een kwart glaasje rode wijn op en begon ik mezelf te wanen op de camping in Frankrijk. Kinderen op bed. Manlief en ik met een boek, stukje brie, toastje erbij en een goed glas wijn. Soms moet je gewoon een beetje bij de hand genomen en door het leven heen begeleid worden. Dan ontdek je de meest verrassende dingen en heb je de meest fantastische middagen die je nooit vooraf had kunnen bedenken.

Afwezig

Vanwege feestgedruis en de behoefte mezelf daarin helemaal onder te dompelen, vandaag geen blog. Een kleine overpeinzing kan er nog net van af. Wat zorgt nu voor dat geluksgevoel? Dat gevoel dat je alles aan kunt, dat er niets is dat je van je stuk brengt en dat gevoel dat alles goed is op dit moment. Voor mij verschilt dat per dag. Vandaag is het die leuke jurk die me goed staat en me een goed gevoel over mezelf geeft. Die vriend die vandaag een knalfeest geeft en waar ik bij mag zijn. De kinderen die schooltje spelen en elkaar vertroetelen. Mijn lief die hooikoorts tabletjes voor me gaat halen, terwijl we net langs de winkel liepen. Maar ook een kop thee brengt me vandaag in een opperbest humeur. Today is a good day. Ik breek er een stukje vanaf en stop die in mijn broekzak. Zodat ik vandaag altijd bij me heb.