IMG-20160522-WA0002

foto: Maaike Dekkers

Als het geluk op je neerstort
kun je het dan aan om het allemaal
op te vangen en te koesteren
misschien wel te delen

Als het geluk je te pakken krijgt
laat je jezelf dan inpakken
helemaal vertroetelen
met strikjes en slingers omhangen

Als het geluk je overvalt
zal je dan schrikken en met
wijd openstaande ogen het aanzien
en meenemen in je rugzak

Als het geluk de schaduw
vormt op de muur, het pad dat je bewandelt
achter je, voor je, opzij, laat je
dan het licht aanstaan.

Als het geluk er nu eens is
zie je het dan voor je, voel je
het in je neus, tintelt het in je ogen
brandt het tussen je tenen
houd je het in je armen
knoop je het in je oren of daartussen
prent je het in of uit en laat je het dan
weerkaatsen in het licht en weerspiegelen
in je glimlach en dat je rent met je haren los
totdat je niet meer kunt
buiten adem het laatste restje opzuigt
opkijkt en weet dat van dit alles
er in overvloed aanwezig is

Als het geluk je nu eens vraagt

Beoordeling

Mijn verhaal voor de eerste opdracht van de online schrijfcursus is beoordeeld. Het verhaal heet ‘De eerste stap’, en zo voelt het ook voor me. Ik vind het aan de ene kant best belangrijk om een reactie te krijgen van een ervaren schrijver, dichter en schrijfcoach en aan de andere kant ben ik ook nogal eigenwijs ingesteld en heb ik een bepaalde attitude die uitschreeuwt ‘en wie ben jij om te zeggen dat mijn schrijfsels niet goed zouden zijn’. Daarin zoek ik dus een balans, want ik ben echt niet zo overtuigd van mijn eigen schrijfsels dat ik tips van ervaren publicisten in de wind sla. Toch blijft het hier en daar knagen.

De reactie die ik op mijn verhaal heb gekregen is echt opbouwend, maar na het twee keer lezen van dit uitgebreide relaas heb ik het gevoel dat ze niet geheel eerlijk is. Mijn schrijfpotentie wordt niet belicht. De dame in kwestie heeft een vol A4-neergeschreven om het een en ander te belichten. Ze vindt de invalshoek die ik heb gekozen origineel. Daarnaast schrijft ze dat het perspectief voor verwarring zorgt. Dat begrijp ik wel. Ik schrijf vanuit het éne personage en dan weer vanuit de andere. Het verhaal heb ik goed afgebakend. Dit zijn allemaal punten waar ik iets mee kan, maar dan komt het. Mijn verhaal is snel dramatisch en door alles nog al aan te dikken wordt het een tikje cliché. Met pijn in mijn hart geef ik dit ruiterlijk toe. Ik weet dat ik dramatiseer. Ik lees te veel Jane Austen, denk ik. Ik houd van dramatiek, van heftigheid en van het benoemen van emoties. Volgens de coach is het principe “show, don’t tell”, van groot belang om een verhaal interessant te houden. Dit levert stof tot nadenken op. In een verhaal van maximaal 1000 woorden vind ik het lastig om in een verhaal wat te raden over te laten aan de lezer. Met andere woorden: wel het een en ander voorschotelen aan de lezer, maar niet zelf uitkauwen.

Ik begrijp wat de feedback-gever bedoelt, herken het, maar ben nog niet volledig overtuigd of ik dit advies over ga nemen. De vraag blijft in mijn hoofd hangen: wat voor schrijver ben ik? Ben ik een “over the top”-tiepje of doe ik door zo te schrijven mijn schrijfsel onrecht aan. Mensen die me kennen weten dat mijn humor ook redelijk dramatisch is, dat ik me graag volmondig en met veel doekjes omwonden uit, dus als ik zo ben, kan ik dan wel anders schrijven? Wil ik dat wel? Mijn gedichten zijn vaak ook diepzinnig, maar dat is niet wat ze bedoelt denk ik. Het gaat er om dat je de lezer zelf laat invullen. Nu ben ik zelf ook een lezer en vind ik het fantastisch als ik zelf kan invullen. Dat doe ik ook, ook al is het voor me ingevuld. Jarenlang las ik de boeken van Elizabeth George. Zij geeft in elk boek opnieuw een beschrijving van inspecteur Lynley. Een aristocraat met (let op) blond haar. In mijn hoofd heeft Lynley van het begin af aan zwart/bruin haar gehad. Elke keer als ik dat blonde haar voorbij zag komen dacht ik: ‘die Elizabeth, die snapt er toch niets van, Thomas heeft zwart haar’.

Ach ja, een beetje eigenwijsheid van zowel schrijver als lezer is zo gek nog niet. Op naar de volgende opdracht: poëzie.

Vasalis

Tijd

Ik droomde, dat ik langzaam leefde…
langzamer dan de oudste steen.
Het was verschrikkelijk: om mij heen
schoot alles op, schokte of beefde,
wat stil lijkt. ‘k Zag de drang waarmee
de bomen zich uit de aarde wrongen
terwijl ze hees en hortend zongen;
terwijl de jaargetijden vlogen
verkleurende als regenbogen…
Ik zag de tremor van de zee,
zijn zwellen en weer haastig slinken,
zoals een grote kerel kan drinken.
En dag en nacht van korte duur
vlammen en doven: flakkrend vuur.
-De wanhoop en welsprekendheid
in de gebaren van de dingen,
die anders start zijn, en hun dringen,
hun ademloze, wrede strijd…
Hoe kon ik dat niet eerder weten,
niet beter zien in vroeger tijd?
Hoe moet ik het weer ooit vergeten?

M. Vasalis (1940)

Wolken

IMG-20160522-WA0006

Foto: Maaike Dekkers

Door de wolken word ik gegrepen
opgezogen door de lucht
waarom is het zo moeilijk te begrijpen
dat de reis beter is dan de vlucht

Dreigend staren ze naar beneden
wetend dat ik zal zwichten
de verleiding is altijd sterker
dan de wens naar verlichten

Opeens geraakt door een straal
de warmte dringt dreigend binnen
ik geef me over, woordeloos
kan geen weerstand meer verzinnen

Dat is de kracht van de wolken
ze klauwen, laten niet los, verbeten
houden ze alles in de gaten
ik geef het op, stop met me te meten

CAS

Nog twee uur en dan vertrekken we naar CAS. Verschrikkelijke afkorting trouwens voor Concert at Sea. We gaan genieten van Douwe Bob en als het goed is gaan we helemaal los bij Typhoon en Faithless. Die laatste zijn oude helden. Ik heb me al vaak in het zweet gesprongen en gedanst op “God is a DJ”.

Was God maar een DJ dan zou hij toch wel meer muziek in het leven brengen. Muziek is emotie, muziek is leven, muziek is respect, muziek is liefde, muziek is boosheid (wat trouwens ook een emotie is), muziek is onbegrip, muziek is troost, muziek is genieten, muziek is schoonheid. Muziek is alles. Het heeft mij vaak geholpen in welke periode of in welk moment dan ook, goed of slecht.

Totaal onvoorbereid gaan we vertrekken, want we weten niet precies waar we moeten zijn, weten niet precies waar we kunnen parkeren, weten niet precies hoe we, als we geparkeerd hebben, moeten fietsen, weten niet precies wat we aan moeten, weten niet precies hoeveel geld we mee moeten nemen, we weten niet precies wat we überhaupt mee moeten nemen. Alle ingrediënten zijn dus aanwezig voor een topdag.