Water

Vandaag besefte ik weer hoe rijk we in Nederland zijn. Na een ochtend extra werken, kwam ik nietsvermoedend thuis. Voordat ik de kinderen van school zou gaan halen, had ik zin in een kop thee. Ik heb altijd zin in thee, net zoals in chocolade. Ik draaide de kraan open en het leek wel of er een donderwolkje verstopt zat in de kraan die overuren maakte. Een hoop gestommel en gepruttel kwam er uit, maar geen water.

Manlief kwam thuis met een dozijn halve liter flesjes water alsof we dagen afgesloten zouden zijn. De rekening was betaald, maar “vanwege noodzakelijke werkzaamheden aan het drinkwaterleidingnet”, werd tijdelijk (een hele dag) de waterlevering naar onze woning onderbroken. We hadden een briefje van het waterbedrijf gekregen, maar wat er nu allemaal zo noodzakelijk was, is me volkomen onduidelijk gebleven.

Dit was allemaal uiteraard geen ramp, maar wel echt onhandig. Vooral onhandig nu we net hadden afgesproken dat een peuter een middag zou komen spelen. Natuurlijk moesten alle drie de kleintjes na de lunch achter elkaar poepen. Ik verdenk ze er nu nog steeds van dat ze dit samen hebben afgesproken. Hoe gaan we het mamma zo lastig mogelijk maken nu we geen water hebben. Heerlijke vieze vingertjes zaten vast aan die kleine friemel handjes, want de kleintjes hadden een uitstapje met school gemaakt. Het uitstapje stond in teken van de natuur en kleine diertjes. Dus flink vroeten in de aarde. Mooi en leerzaam en zeer belangrijk en lekker smerig. Daar heb ik geen probleem mee, maar als die eigenaren van die vingertjes brood willen eten vind ik het toch fijner als die vingertjes even gewassen zijn. Dus een middag improvisatie.

Later dan gepland deed het water het dan weer eindelijk. Hoera. Open ik de brievenbus, ligt daar een kaart van het waterbedrijf. Misschien een excuus brief, denk ik nog. Maar nee, volgende week zijn er weer noodzakelijke werkzaamheden gepland en worden we weer een hele dag afgesloten. Jippie.

Wat ben ik toch ontzettend rijk, dat ik over een tijdelijke onderbreking van vers en schoon water een hele blog kan schrijven. Uiteraard schaam ik me diep, want ik heb zelf ervaren hoe het is als je afhankelijk bent van 1 waterput in een dorp. Ik heb met eigen ogen gezien dat kinderen met jerrycans op hun hoofd kilometers moeten lopen voor water. Water, levensbehoefte nummer 1, waar wij voor een groot deel uit bestaan en dat we in Nederland zo door de wc spoelen. Dat water zou toch gewoon voor iedereen beschikbaar moeten zijn. Schoon water kan levens redden. Om mijn schaamte te verdoezelen heb ik naast het schrijven van deze blog ook maar gelijk wat geld gedoneerd aan de slachtoffers van de orkaan Matthew, want tjongejonge wat zijn wij ontzettend rijk.

Zon

img-20160916-wa0001

Foto: Maaike Dekkers

Ik heb het vermoeden dat de zon
niet alleen schijnt
of verwarmt
ze vertelt ons een verhaal

over de natuur
over het leven
over de toekomst
over het nu

maar niemand luistert
iets harder dan
tussen spreken en schreeuwen in

niemand hoort
terwijl toch meestal
begiftigd met twee oren
twee keer zoveel dan één mond

maar te druk
teveel gepraat in de lucht
vaak gebakken

en de zon vertelt door
over hoe het was
en kan zijn
maar niemand luistert meer.

 

Kinderboekenweek

Het is weer zover. De Kinderboekenweek is begonnen. Ik houd van boeken en die liefde heb ik door kunnen geven aan mijn kinderen, dus verheugen zij zich net zo veel als ik op het boekenfeest (zoals wij dat thuis noemen). Nu is het bijna elke dag boekenfeest bij ons thuis, maar nu doet een groot deel van het land daar ook aan mee. Ook school draagt haar steentje bij.

Het thema van dit jaar ‘Voor altijd jong’ valt goed in de smaak bij opa’s en oma’s, want velen togen naar school om voor te lezen. Heel ontroerend vind ik dat, zo een groepje guppies rond de benen van een oma, volledige aandacht en overgave en dan zo een oma die haar best doet om zo mooi mogelijk of zo grappig mogelijk of zo spannend mogelijk voor te lezen. Dat kan niet anders dan het recept zijn om voor altijd jong te blijven.

Als moeder vind ik het ook bijzonder om te zien hoe je eigen moeder omgaat met je kinderen. De aandacht die ik zelf af en toe gemist heb, zie ik nu wel volledig aan mijn kinderen gegeven worden. Dat is mooi.

Om het boekenfeest te vieren mogen de kinderen een boek uitkiezen. Cato kiest een spannend boek over een weerwolf en de keuze van Rika valt op een editie van heksje Foeksia die ze nog niet heeft. En ik, ik verwen mezelf met de dichtbundel van Plint ‘Lees maar lang en wees gelukkig’ (fantastische titel) en het tijdschrift Dichter van Plint. Daaruit wil ik een gedicht citeren. Het is van Jos van Hest en heet Opa:

Toen mijn opa doodging
gaf hij zijn gouden trouwring
aan mijn oma

maar zijn gouden kiezen
nam hij mee in zijn graf

 

 

Dierenliefde

Een paar dagen geleden was het dierendag. Al vroeg in de ochtend hoorde ik de deur van mijn oudste dochter opengaan en vervolgens verschillende mini voetjes richting haar kamer trippelen. Zachtjes hoorde ik haar “lang zal ze leven” zingen. Poes Pippie is, bij gebrek aan een echte geboortedag, jarig op dierendag. Voor Tinus was het zijn eerste dierendag en het feit dat het een feestelijke dag was, nam hij -zoals gewoonlijk- op door bovenop zijn grote zus te springen. Zij was daar op dat moment niet van gediend dus oudste dochter moest als een ware mediator optreden. Het moest nog 7 uur worden.

Als er iemand jarig is dan krijgt diegene in ons huis een cadeau. Twee mini knuffeltjes werden gekocht, nep waxinelichtjes erbij en daarmee vond ik het al weer hysterisch genoeg. Ik houd echt wel van dieren, echt. Ook op mijn bord. Dat spijt me nog steeds. Ik zou zo graag vegetariër zijn, maar ja. Ik vind vlees gewoon te lekker en leren schoenen te fijn zitten. Sorry dieren. Dan maar een beetje goedmaken door nep waxinelichtjes aan te doen en extra mooi te zingen op de verjaardagen van de beestjes. Best wel gek vind ik dat en uiteraard behoorlijk hypocriet.

Ik sta op het standpunt dat we af en toe te ver doorschieten in onze dierenliefde. Dat standpunt werd aardig bevestigd door een nieuwsitem op het journaal. Dat er therapeuten zijn voor alles en iedereen, wist ik inmiddels wel. En dat er getraumatiseerde beesten rondlopen ook. Dat ook dieren depressief zijn is bekend, maar dat labelen van al die menselijke eigenschappen en emoties op dieren. Ongelooflijk. Dat gaat toch echt te ver. Ik hoorde een vrouw vertellen dat deze hond een “rugzakje” heeft en daardoor moeilijk contacten kan leggen. ‘Eigenlijk doet hij in deze samenleving niet meer mee’, zei ze met een snik in haar stem.

Wat een tragiek. Ik zou zeggen tegen die hond: ‘Kom gezellig met dierendag bij ons, de nepkaarsjes uitblazen, want ook jij telt mee’.

Stil

img-20160926-wa0000

Foto: Maaike Dekkers

Neergedaald als een engel
zit ik hier in het groene gras
bloemen versieren mijn
melkwitte gelaat

stil

onrustig van het licht
dat me tijdelijk verblind
daarna weer laat zien
wat de werkelijkheid is

of is het maar schijn
wat de wereld te zien krijgt
alles in perspectief
en ik zit als een engel

stil

de klimop probeert me te vangen
maar ik bied weerstand
door te zitten als een engel
in vermomming

stil.

Energie

Vandaag was ik weer aan het werk gegaan. Na een week thuis zitten met veel tranen vond ik het weer tijd voor een andere omgeving. Het fijne van je zelf even helemaal afsluiten is dat je weer met je beide benen op de grond staat. Dus toen ik vanochtend de eerste werkperikelen voorbij zag komen was mijn eerste gedachte: “Ach, waar maken we ons toch zo druk om.” Dat geeft ruimte en lucht. Ik merk dat een verlies van een dierbare alle energie in je lijf opslurpt en dat voor de categorie onzinnige zaken mijn energieloket tijdelijk gesloten is. Dat is wel eens fijn.

Na verloop van tijd verlies ik me vast wel weer in allerlei onbenulligheden waar ik me dan weer enorm over ga opwinden, maar voor nu heb ik daar dus geen ruimte voor. De vraag komt dan wel op: waarom zou je op het moment dat je energievoorraad goed gevuld is en je verder geen noemenswaardige ingrijpende zaken in je leven hebt, je zo druk maken om die collega die niet meewerkt, of die baas die nooit vraagt hoe het met je gaat of dat glas dat omvalt of die poes die in je benen hangt omdat hij een leuk wiebelig touwtje aan je broek ziet of die man die zijn sokken niet opruimt of die buurvrouw die altijd te laat op een afspraak komt of de kapper die alleen maar roddelt over anderen waardoor jij weet dat als je je kont hebt gelicht zij ook over jou gaat kwaadspreken of dat gezeur op tv over het weer? Waarom doen we dat? Waarom steken we energie in dingen of mensen die alleen maar bezig zijn die energie op te slurpen?

Ik doe het vanuit plichtsbesef, vanuit mijn opvoeding “zo hoort het” of om “de lieve vrede te bewaren” of vanuit sociaal gewenst gedrag. Ik ben geen socioloog, maar ik denk dat we ons druk maken om niets om op een bepaalde manier grip op de wereld te houden en verbinding met anderen te zoeken die zich herkennen in jouw drukdoenerij.

Wat ik heb geleerd uit de strijd die Marlies heeft gevoerd is dat er slechts een aantal mensen zijn die jouw liefde en volledige energie waard zijn. Velen zijn passanten. Daar is niets mis mee, maar dan moet je wel accepteren dat het passanten zijn en niet vasthouden aan iets wat er niet is. Sommige zaken kun je zelf veranderen door er anders naar te kijken. Alles wat je aandacht geeft, groeit zegt Boeddha. Sta je positief in het leven dan zal de aandacht die je geeft aan positieve zaken ervoor zorgen dat je meer positieve zaken aantrekt. Voor een groot deel is dat een keuze. Hoe ik naar die collega of baas kijk, kan ik veranderen. Daar heb ik invloed op. Het blijft een momentopname en niet altijd even makkelijk. Waar het volgens mij omgaat is dat je vooral jezelf niet verliest door teleurgesteld te raken door het gedrag van anderen en dat je op de juiste wijze voldoende energie overhoudt om de wereld aan te kunnen met alles wat daarbij hoort, zinnig of onzinnig.

Fantasie

Vriend C heeft twee loodsen gevuld met pure schoonheid. Allemaal bijzondere voorwerpen met een verhaal. Als ik ronddwaal in zijn loods verlies ik mezelf altijd in een foto of een beeldje of een vaas of een schilderij of een lamp of een bordje of een steen of een sieraad…nou ja, te veel om op te noemen.

Vorige week vond ik twee zwart-wit foto’s bij hem. Ze zaten in een klein doosje. Beide foto’s dateren uit de jaren dertig van de vorige eeuw. Zo langzamerhand al bijna 90 jaar oud. De eerste foto laat drie mensen zien die, volgens het achterschrift, een uitstapje maken. De andere foto laat een dame zien die poseert voor de camera. de foto is gemaakt in een echte studio. Ik ga hier nog niet verklappen wat er nog meer op die foto’s staan, maar ze intrigeren me mateloos. Wie zijn deze mensen, waar komen ze vandaan, hoe stonden ze in het leven, wat dachten ze? Ga zo maar door. Mijn fantasie slaat op hol en dat is goed, want na een ingrijpend verlies is het goed om te ervaren dat fantasie ervoor kan zorgen dat je lichaam weer energie krijgt. Het is fijn om te voelen dat schoonheid me nog raakt. Dat ik dus niet ben afgestompt door het verdriet. En hoe fijn is het dan dat je gewoon een persoonlijke leverancier hebt van die schoonheid.

Dus C, mocht je dit lezen, je bent van onschatbare waarde voor mij en velen die zich graag omringen in de schoonheid die jij levert. Bedankt daarvoor.

Kleurengedicht

Afbeeldingsresultaten voor picasso enfant jouant avec un camion

Picasso: Enfant jouant avec un camion (1953)

Het verweesde groen
zoals de antraciet gekleurde tegels
na de winter verkleurd zijn en snakken
naar een stevige schrobbeurt met
groene zeep

doet me denken aan de kleur
die jij de achtergrond geeft waarin
de vrouw gebukt in haar babyblauw
gestreepte kimono de strijd
voert tegen de ruimte

want die boot zo zwart
als de nacht, hoort niet thuis
op de meekraprode vloer.

Varen

Ik vind het elke keer weer vreemd om oog in oog te staan met de dood. Wat is dat nou precies, dood? Ik vind het ook een vreemd woord dood. Twee d’s en twee o’s. D.O.O.D. We geven betekenis aan de dingen die we meemaken door er woorden aan te geven. We proberen concepten te vangen door zinnen te construeren, maar voor mij schiet dat momenteel allemaal te kort. De dood, het verdriet, het zit in mijn huid, hangt als een bal in mijn maag en prikt in mijn ogen. Het is een allesoverheersend gevoel. Het neemt alles in beslag. Mijn eten smaakt anders, het licht buiten is anders, muziek klinkt anders.

Alles wordt afgezwakt en bedekt met een dunne grijze sluier. Dit gevoel blijft niet eeuwig, dat weet ik wel. Maar ik was vergeten hoe alles absorberend dit gevoel ook al weer is. Dat het je zo in zijn greep houdt en je dagen vult. Goedbedoelde adviezen zoals: je moet er doorheen of misschien moet je je zinnen verzetten, sla ik in de wind. Er is niets dat helpt op dit moment behalve voelen. Dat betekent dat de dag er wisselend uit kan zien: een lach kan zomaar omslaan in een traan. Prima.

Voelen, ademen, rust en alleen dat doen wat mijn diepste zelf me ingeeft is wat ik moet doen. Ik schrijf expres ‘moet’, want het is belangrijk om dit proces niet te forceren en op mijn gevoel te varen. Zo vaar ik vanzelf weer rustig vaarwater op.

Uitvaaart

Vanmiddag was de uitvaart van Marlies. Al twee dagen had ik een zeurende hoofdpijn en veel onrust in mijn lijf. Het einde is zo definitief. De dood zo verschrikkelijk onomkeerbaar. Ik was gevraagd een gedicht voor te dragen. Een gedicht dat ik al lang geleden had geschreven en naar Marlies had gestuurd. Het kon haar goedkeuring dragen. Wat een eer.

De uitvaart was volledig onder haar regie georganiseerd. Wie wat zou zeggen, wanneer welk muziekstuk gebracht zou worden en welk gebed er voorgedragen zou worden.

Het was indrukwekkend. De witte kist werd door haar broers naar binnen gereden en tranen spoten werkelijk waar uit mijn ogen. Daar liepen die grote mannen, gestoken in keurige pakken, hun kleine, jonge zusje naar haar laatste rustplaats te begeleiden. Onderwijl klonken de tonen van de muziek die ook de film Intouchables mede kracht gaf en kwamen er op een groot doek foto’s van Marlies langs. Als baby, tiener en jonge vrouw. Ook foto’s van de periode dat ze ziek was en steeds verder achter uit ging en ik staarde naar haar en voelde haar glimlach. De energie spatte er van af.

De dienst stond bol van mooie woorden en muziek en dus ook heel heel heel veel tranen. Mijn handtas zat vol zakdoekjes en ik voel nu nog steeds dat de sluizen niet helemaal dicht zijn. De tranen zitten zo dicht op de oppervlakte, omdat het verdriet, het gemis, de boosheid over de onrechtvaardigheid nog zo dicht op mijn huid zitten.

Nu is het stil en is het in het huis van Marlies nog stiller. Een man, een zoon en een dochter laat ze achter. Mensen die jarenlang voor haar gezorgd hebben, die het verloop van haar ziekte van dichtbij hebben meegemaakt, die elke stap achteruit hebben geobserveerd, die met haar in een cocon hebben geleefd de laatste weken en nu, nu is het stil. Haar zus vertelde dat ze heel veel belden met elkaar en vooral als de eerste sneeuw weer viel. Zij zal aan Marlies denken als de eerste vlok naar beneden valt. Ik zal aan haar denken, elke keer als ik Ikea binnen stap, als ik een nieuwe sjaal koop, als ik boos ben op mijn moeder en dat niet meer met haar kan delen, als ik mijn ogen sluit. Heel stil, denk ik aan haar.