Eerlijkheid

Ik heb een probleem. Geen wereldschokkend probleem.  Soms stijgt het schaamrood op mijn kaken als ik denk aan al die mensen die op de vlucht zijn vanwege geweld, aan al die kinderen die geen dak boven hun hoofd hebben en niet weten of ze vanavond een bordje warm eten hebben en aan al die mensen die niet weten of ze morgen nog in leven zijn. En ik? Ik zeur over mijn probleem. In verhouding met dit leed, dat ondraaglijk is en niet te bevatten, stelt mijn probleem helemaal niets voor. Echt niets, maar toch is het iets wat me bezighoud.

Ik vraag me namelijk af wat er zou gebeuren als we allemaal eerlijk zouden zijn tegen elkaar. Deze vraag geeft impliciet aan dat ik van mening ben dat we niet eerlijk zijn. Ik zou het wel willen uitroepen. ‘Natuurlijk zijn we niet eerlijk, stel je eens voor.’ Nee, echt. Probeer je het eens voor te stellen dat je eerlijk bent tegen een vriendin die in de wolken is met een nieuwe jurk en jij haar gaat vertellen dat geel gewoon alleen maar mooi staat bij onze bruine medemens. Maar dan recht voor zijn raap: ‘die jurk staat je niet.’ Of dat je tegen je schoonmoeder zegt, nadat ze uren in de keuken een stoofpot in elkaar heeft weten te knutselen, dat dit echt niet te vreten is. Dat de varkens zouden opstaan uit de modderpoel en met hun OV chip de bus pakken om naar de eerste de beste snackbar te rennen om een broodje kroket te halen. Of dat je, en dit is mijn favoriete, tijdens een overleg op je werk opstaat, op de tafel springt en zegt tegen je collega’s dat het incompetente zwakzinnige medeburgers zijn die gewoonweg het stemrecht niet verdienen, laat staan een salarisstrook.

Tja, de verleiding is af en toe groot. Vandaag wilde ik tegen iemand die midden op de stoep zijn auto had geparkeerd waardoor wij, maar zeker ook de minder validen onder ons, via een drukke straat verder moesten lopen, zeggen dat hij eens zijn verstand moest gebruiken en meer gevoel voor zijn medemens moest opbrengen. Egoïst. Ook was er een man die vandaag breed uit op straat liep en fietsers, waaronder mijn vijfjarige die de fietskunst nog moet perfectioneren, geen ruimte gaf en dan ons kwaad aankijkt als we daar iets  van zeggen. Op zo een moment wil ik afstappen en van alles zeggen. Maar ik doe het niet. Gelukkig niet.

We leven met elkaar en daar hoort dus ook een bepaalde mate van tolerantie bij. Die tolerantie houdt in dat je tot een bepaalde hoogte infantiel en belachelijk gedrag van anderen accepteert. Ik weet dat mijn waarden en normen niet die van een ander hoeven te zijn. Principes zijn ook zo iets. Het betreft alleen maar een eenzijdige waarheid. Soms gedragen door een groep, maar betreffen niet de waarheid. Die bestaat namelijk niet. De waarheid is niets en niets is de waarheid. Gelukkig kunnen we in onze hoofden zo intolerant en dictatoriaal zijn als we willen en houd ik het dus vaak bij gedachten. Heel soms spatten die gedachten van mijn gezicht, want helaas ben ik een open boek en daardoor misschien toch eerlijker dan ik dacht te zijn.

Auteur: schrijfbianca

Ik schrijf, dus ik ben.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s