Sanne

Lieve Sanne,
mooie Sanne,
aardige Sanne,
behulpzame Sanne,
vriendelijke Sanne,
vrolijke Sanne,
slimme Sanne,
grappige Sanne,
leergierige Sanne,
hardwerkende Sanne,

allemaal verenigd in één
Sanne

achter alle deuren
met alle verschillende kleuren
schuilen allemaal
verschillende even schitterende
exemplaren van
Sanne

ook zijn er een paar deuren wat donker van kleur
die niet helemaal opengaan
ze schuren en piepen,
kraken hier en daar
maar ook die kunnen open

daar staat dan
verdrietige Sanne
angstige Sanne

maar vergeet niet Sanne
dat ook die deuren opengezet mogen worden
zodat in één prachtige Sanne
een prachtig mens schuilt
die mag zijn zoals ze is.

Bedacht

In mijn gedachten was je groter,
sterker, mooier en slimmer
of heb ik dat nu ook weer bedacht

Je tilde me op
plaatste me op je nek
en hield mijn voeten stevig vast

Ik overzag de wereld
die lag aan onze voeten
jij en ik vertrokken samen

Dat was het plan
maar op een dag
was de kamer gevuld met een leeg omhulsel

Alleen nog maar een kist
zonder plan
de kou stierf op mijn lippen

Nu heb ik bedacht
dat jij en ik toch gaan,
op pad; de wereld ligt nu achter ons.

 

Sneeuw

Ik kan het niet maken (al helemaal niet voor het nageslacht die ooit deze blog gaat lezen om mij beter te leren kennen) om het niet te hebben over de sneeuw die vannacht gevallen is.

Ik werd vanochtend om 6 uur wakker (wat trouwens deze week een nieuw slaaprecord is: ik werd namelijk elke nacht zo rond een uurtje of drie wakker en lag dan klaarwakker een beetje naar het plafond te staren) en moest naar toilet. Op de terugweg naar bed keek ik even uit het raam. Mijn ogen werden getrakteerd op een maagdelijk wit uitzicht. Wat is dat toch weer fantastisch. Je gaat naar bed terwijl de wereld er grijs en koud en kaal uitziet en je wordt wakker in een nieuwe wereld. Ook al ben ik de veertig gepasseerd ik voel me telkens weer kind als het gesneeuwd heeft. Ik wil dan naar buiten rennen, sleeën vanaf de dijk en vooral manlief bedelven onder een hoop witte koude watten.

Pas om half negen werden de kinderen wakker. Ik hoorde eerst deur één open gaan, getrippel van blote voetjes op het laminaat naar de toilet en daarna een grote plas. Deur twee werd niet veel later opengetrokken en hetzelfde ritueel volgde. Ik fluisterde in het donker “meiden, hebben jullie al uit het raam gekeken?” Er kwam een kleine klaagzang. “Nee mam, we willen lezen.” Toch konden ze hun nieuwsgierigheid niet bedwingen. Ik hoorde gordijnen open getrokken worden en onmiddellijk daarna volgde een hoop gegil.

Cato kon niet wachten om naar buiten te rennen. Ze propte haar boterham naar binnen, poetste haar tanden zo snel als ze kon en trok haar laarzen aan. Rika raakte van alles een beetje in de war en wist niet goed waar te beginnen.
En dan, dan staan ze buiten. Voor Cato is het voor het eerst dat ze bewust zo veel sneeuw ziet. Ze raakt de sneeuw aan, voelt er aan, gooit ermee en haar wangen kleuren rood. Samen op de slee van de dijk af. Ik kijk ernaar en ook mijn wangen gloeien. Jaren geleden gleed ik van diezelfde dijk. Het plezier en geluk zijn nog steeds hetzelfde. Nu sta ik aan de kant en geniet ik dubbel. Ik voel hoe het is om van die hoge dijk naar beneden te glijden. De blik naar beneden, de snelheid en angst die om de hoek komt kijken, maar dan die tweede helling die voor nog meer vaart en bijbehorend plezier zorgt. En ik zie hoeveel plezier mijn kinderen beleven. Dubbel geluk met een klein beetje sneeuw.

Het leven is eenvoudig en vertraagt. Plannen worden omgezet. Geen trip met de auto vandaag, maar een extra rondje in de sneeuw. Geen boodschappen meer doen, maar lekkere hapjes bij elkaar sprokkelen en vooral met elkaar bij de haard zitten, want van al die sneeuw krijg je het ook behoorlijk koud. Deze dag was het waard om neergelegd te worden in een digitaal bestandje, want wie weet wanneer er weer een kans komt om te spelen in de sneeuw.

Moment

De schemer kruipt om me heen
het licht verlaat me
langzaam trekken we naar elkaar toe

Het vuur spuwt vlammen naar ons
met klauwen grijpen ze het hout
verblindend voor het oog

Het wol pakt ons in
oranje, geel, groen, rood en bruin
de warmte koestert het moment.

Onmacht

Ik kan weer wat licht verdragen. Nadat ik maandag bijna stikte in mijn eigen hoest was de maat vol, vooral bij manlief. Hij stuurde me naar de huisarts en die schreef een antibioticakuur en een puffer voor. Prima, dacht ik. Geef mij die pillen maar en die puffer. Hoe eerder ik weer kan werken hoe beter. Er is namelijk genoeg te doen. En verder wil ik met mijn dochter een verhaal schrijven, is er een boek dat uit moet, wil ik me verdiepen in een studie coaching, zijn er nog wat contacten die aangehaald moeten worden en moet ik toch nodig weer eens een stuk fietsen.

Het liep allemaal even anders. De pillen legden me lam. Mijn lichaam reageerde zo heftig op de kuur dat ik totaal uitgeschakeld werd. Enorme hoofdpijn, overgeven en maagkrampen. Ik kon niets meer en al helemaal niets verdragen. De kinderen liepen op hun tenen, kusjes werden op mijn hoofd gegeven en tekeningen werden gemaakt op me op te beuren.

Na drie dagen van de wereld kan ik het licht weer verdragen. Ik merk aan een paar dingen dat ik aan de betere hand ben: 1. mijn eetlust komt terug, 2. mijn hoofdpijn neemt af en 3. ik kan me weer druk maken over onrecht. Ik las namelijk op een nieuwssite over de massa aanranding in India. De vrouwen werden in de nacht van Oud en Nieuw belaagd door mannen toen ze op straat feest aan het vieren waren. Er circuleren beelden op internet die laten zien dat vrouwen die nietsvermoedend op straat liepen aangevallen worden door mannen. Ze werden betast, gaven weerstand, maar de mannen bleven aanhouden. Kussen, vasthouden, betasten. Voor de politie vormde dit geen aanleiding om onderzoek in te stellen. Sterker nog zowel de politie als de minister stellen dat de vrouwen dit over zich hadden afgeroepen omdat ze te Westers gekleed waren.

Dit verhaal is niet nieuw, maar brengt een enorme woede in me boven. Vorig jaar Keulen. Een vrouwelijke burgemeester die na de massale aanranding aldaar vrouwen het advies gaf om mannen op armlengte afstand te houden of met een mannelijk familielid op stap te gaan.
Er gaan allemaal krachttermen om in mijn hoofd. Maar naast woede, voel ik ook wanhoop. Wanneer verandert deze mentaliteit nu eens? Wanneer worden vrouwen nu eens gezien als mens in plaats van gebruiksvoorwerp? Wanneer zien mannen in dat dit gedrag echt niet kan? Nu niet, dan niet, nooit niet.

Ik merk dat de kuur aanslaat. Alleen wat hebben die vrouwen daar aan? Dat ik nu zo boos ben. Dat ik deze onmacht voel? Ik weet het niet, misschien als ik verder ben hersteld vind ik een antwoord.

 

Leesmonster

Cato is bijna 4 jaar en 9 maanden en loopt op het moment met haar neus omhoog trots door de kamer. Iedereen die het horen wil en ook diegenen die het niet horen willen, worden getrakteerd op een staaltje eigenwaarde. En waarom? Cato heeft met haar 4 jaar en 9 maanden haar eerste boek helemaal zelf uitgelezen.

Nu is de moeder van dit schepsel ook bijzonder trots en schrijft dan ook een blog over dit fantastische meisje die de wereld van de verbeelding door woorden is binnengestapt. Een wereld die haar leven voorgoed zal veranderen. Een stap waar ze haar leven lang plezier van zal hebben.

Die trotse Cato vertelt breeduit tegen oma over haar boek. Floddertje die met een mixer tomatensoep voor haar zieke moeder maakt en die Floddertje die teveel badschuim in het bad doet en die gekke Floddertje die haar hoofd kaal scheert en medestanders vindt zodat ze op de achterhoofdjes letters kan schrijven waardoor de legendarische zin ontstaat “Wij eisen ijs.” Ze heeft dus niet alleen een boek gelezen, ze heeft de verhalen ook echt begrepen.

Cato doet me ook wel denken aan Floddertje. Niet dat ze zich altijd zo vies maakt, maar meer het eigenzinnige karakter dat in haar zit. Ze is stoer, houdt van voetballen en dino’s en wil later motor maker worden. Ook heeft ze een nieuw woord geleerd (niet van Floddertje trouwens). Dat woord wordt te pas en te onpas gebruikt. Helaas is het niet het mooiste woord, maar hij bekt wel lekker. Het gaat om: “getverpielekens.” Het woord wordt in de volgende context vaak gebruikt:

Mamma: Cato, kun je even opruimen?
Cato: ah, nee getverpielekens.

Mamma: Cato, wat wil je op je boterham?
Cato: doe maar getverpielekens pasta.

Mamma: Weltrusten Cato, tot morgen, slaap lekker, houd van jou.
Cato: Houd ook van jou getverpielekens mamma.

Dat eerste boek heeft veel teweeggebracht. Ben benieuwd wat volgt.

Verandering

Een kleine verandering kan een groot effect hebben. Dat heb ik al meerdere malen ervaren. Na het opruimen van de kerstboom besloten manlief en ik de bank anders weg te zetten in de woonkamer. We hebben een vrij grote hoekbank, dus veel opties om hem weg te zetten hebben we niet. Maar toch is het effect groots. De woonkamer lijkt ruimer, gezelliger en ik voel me nog meer thuis in mijn huis.

Ook een andere haardracht kan ervoor zorgen dat de eigenaar van die dracht zich helemaal anders voelt. En geloof mij, ik heb al veel verschillende coupes gehad. Het lijkt wel of je dan even een ander mens bent, de geëvolueerde versie van jezelf.

Vandaag besloot ik, alweer voor de tweede keer, om mijn weerstand tegen het jaarlijkse handjes-schudden-met gebruik making van de woorden-“beste wensen”-festijn de kop in te drukken. Ik toverde mijn beste glimlach op mijn gezicht en betrad met veel goede moed de kantine en hal van het werk. Ik schudde mijn gevoel van sociale ongemakkelijkheid en mijn principes over boord en stortte me op de menigte. Een kwartier later en vele handen schudden en hier en daar een zoenpartij verder, stond ik uitgeput en bezweet aan een ontbijt die niet smaakte. Maar toch voelde ik me anders. Voor het eerst voelde ik me als iemand die dit soort situaties met gemak de kop biedt en daar zelfs enige vorm van plezier aan beleeft. Of was het opluchting dat het weer voorbij was?

In ieder geval geeft verandering ruimte. Welke ruimte dat precies is, is misschien niet altijd gelijk duidelijk. Ik ben in ieder geval blij dat het morgen weer “gewoon” een werkdag is en alweer 3 januari.

Nieuwjaar

Een blanco jaar
ligt voor me
als een pas gezaaid veld
er is niets,
maar toch alles

De dag gaat door
over in de volgende
oliebollen markeren de
overgang
voornemens nemen hun
intrek

Opluchting maakt zich
meester
voorlopig niet meer gourmetten
met haar
niet meer opzitten
bij hem

De dag gaat voort
nu al weer bijna ten einde
zonder einde, want blijft
de adem, dan blijft de dag
als een elastiek
langer en langer

 

 

 

Vliegen

Nog een paar uur en dan start er weer een nieuw jaar. Elke dag is nieuwe, maar toch voel ik me een beetje melancholisch. Samen met de kinderen muziek luisteren ontroert me vandaag meer dan gisteren of welke andere dag dan ook. Coldplay knettert uit de speakers en de tranen laten diepe sporen na op mijn gezicht.

Ik ben dankbaar voor mijn leven, mijn gezin, onze gezondheid, de liefde, de verbondenheid. Alles is mooi.  Ook al is de wereld buiten heel vaak lelijk, donker, wreed en pijnlijk. Toch kan het licht binnen dan prachtig schijnen waardoor ik hoopvol ben. Hoopvol dat dit licht sterk genoeg is om een vonk naar buiten te brengen.

Om met Loesje te spreken: als de tijd vliegt, vlieg mee. Fijne vlucht iedereen.