
Foto: Maaike Dekkers
De wind kent geen stilte
ook al doet hij zijn
best, dan nog niet
net zoals in de klas
altijd rumoer,
geritsel van papier
krijtvegen op het bord
stoelen en voeten die
wiebelen
en die blik van opzij
wenkbrauwen hoog opgetrokken
neus door de vinger geholpen
de lucht in en die roze lap
uit de mond,
hangend in een hoek
hoe kan ik dan stil zijn
proesten moet ik
wegdraaien en wiebelen
niet meer kijken
naar opzij
dan maar naar buiten
zien hoe de wind
de wolken voortjaagt
snel, maar nooit stil.