Levensverhaal

Proloog

We sterven allemaal. Dat weet iedereen. Je komt schreeuwend tot leven, je longen gevuld met alle verwachtingen die nog waar gemaakt moeten worden. Je lijf in een kramp, maar toch zo flexibel dat je met je tenen je neus kan aanraken. Een verkreukelde kop met plooien die je doen lijken op een buldog, neus ingedeukt, dichte ogen en haren die kleverig van het bloed op je hoofd plakken. Daar lig je dan in een ruimte vol mensen. Een ruimte vol mensen die gelijk van alles van je vinden. De eerste testen die je moet doorstaan. De eerste scores op je levensrapport die ingevuld worden. Bij goedkeuring mag je door. Zo niet dan word je razendsnel weggehaald bij je vertrouwelingen en aan apparatuur gekoppeld die je terug naar start verwijzen. Je krijgt je eerste kleren aan, een zacht gevoerd babypakje met een afstotelijke muts op. Ook al is het 25 graden Celsius in de kamer, die muts moet op, want je bent nu wel geboren maar je lijf kan dat allemaal nog niet aan. De kachel functioneert nog niet goed. Je eerste luier gaat om je billen. Die luier die je later gaat haten want die zorgt voor uitslag die zo hard brand in je billen dat je longen pijn doen van het uitschreeuwen van de pijn. En dan, dan begint het aftellen.

Na een aantal jaren vertrek je weer met dezelfde vaart als toen het ooit begon. De aftocht is vaak stil, alle verwachtingen zijn waargemaakt of verandert in desillusies en je lijf is stijf, verkrampt en gekrompen. Ook nu staan er mensen om je heen die wat van je vinden, apparaten die voortdurend testen hoe het met je gaat, kun je er nog mee door of koppelen we je los? Ook nu heb je weer geen keuze. Die ander beslist over je bestaan. Je draagt je laatste kleren, vaak een kleurloos verwassen ziekenhuishemd die schreeuwt of het einde snel mag komen zodat dit verfoeilijke kledingstuk uit kan. Altijd heb je jezelf goed verzorgd, maar daar lig je dan in je sterfbed en sterfkledij. Geen zacht gevoerd pakje. Nee, een blauw grijs ziekenhuishemd waar de achterkant van open is zodat het personeel makkelijk je hemd kan uittrekken en je luier kan verwisselen. Die luier die je hebt gehaat, waar je zo je best voor hebt gedaan om die niet meer nodig te hebben. Die luier zit nu weer vast gesnoerd aan je middel. Je laatste stop.

Auteur: schrijfbianca

Ik schrijf, dus ik ben.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s