Onrecht

De zaken die vaak recht voor je neus gebeuren zie je niet. Je herkent ze niet. Blind voor je eigen gewoonten of gedrag. Ik vraag me bijvoorbeeld regelmatig af waarom ik het werk doe dat ik doe. Het antwoord is terug te vinden in mijn jeugd. Ik keek eens naar The Oprah Winfrey Show en daar was een gast die vertelde dat je aan het speelgedrag van kinderen kan afleiden welk beroep ze later gaan doen. Dat vond ik echt fascinerend en ben gelijk op onderzoek gegaan. Waar speelde ik mee en met wie?

Wat bleek. Ik speelde altijd met kinderen die niet populair waren. Mijn beste vriendinnetje op de kleuterschool en in de eerste klassen van de basisschool heette Nadia. Ze had een exotische achternaam en dat was in die tijd in het kleine plaatsje waar ik vandaan kwam heel bijzonder. De moeder van Nadia was de eerste vrouw die trouwde met een buitenlandse man, een Marokkaanse man. Dat was om verschillende redenen bijzonder. Eerst omdat hij niet wit was. Ook hing hij niet hetzelfde geloof aan en dan had hij ook nog eens een vreemd accent. Ik weet niet meer hoe het kwam dat Nadia en ik vriendinnen waren, maar ik vond haar heel leuk. Ze had donker krullend haar, wat mooi afstak tegen het blonde sluike lange haar van mezelf en ze droeg een bril. Daar scoorde je in die tijd ook geen punten mee in de populariteitswedstrijd. De moeder van Nadia was altijd heel zacht en vriendelijk tegen me en haar vader vond ik apart. Zo een man kende ik nog niet. Mijn ouders waren altijd heel ruimdenkend (oude hippies). Voor hun maakte het niet uit met wie ik omging. Nadia werd al snel, toen we naar de basisschool gingen, gepest. Daar kon ik echt niet tegen. Ik werd woedend en witheet. Elke jongen die naar tegen haar deed wilde ik in elkaar schoppen. En elk meisje die dat deed trok ik aan haar haren. Dat maakte uiteindelijk dat ik zelf ook niet echt populair was op school, maar dat interesseerde me helemaal niets.

Nadia bleef zitten en ik was de eerste van ons twee die naar de middelbare school vertrok. Ook daar trok ik op met klasgenoten die anders waren. Nou ja, anders. Dat vind ik zo akelig om te zeggen. Zij waren hun zelf en liepen niet met de stroom en de kudde mee. Dat heb ik altijd bewonderd en zelf koos ik ook liever een blubberig hobbelig zijpad dan het rechte geplaveide pad. Ook tijdens die periode kon ik niet tegen onrecht. Van niemand. Dat werd dus vaak verward met het idee dat ik een probleem met autoriteit heb. Dat is niet zo. Ik heb een probleem met autoritair gedrag dat vanwege een positie misbruikt wordt. Dus leraren die dachten controle uit te oefenen en gezag eisten vanwege hun positie kwamen bedrogen uit. Jongens in mijn klas die dachten dat ze meer macht hadden omdat ze groter waren en dus hun wil aan mij konden opleggen, stonden raar te kijken als ze met een vuist tegen de muur aan werden gesmeten. Begrijp me niet verkeerd. Ik houd niet van geweld, maar nog minder van onrecht.

Dat een vriend van mij, zo donker als pure chocolade met een Nederlands paspoort, gefouilleerd wordt bij het Casino en ik met mijn romig witte teint niet, zorgt er bij mij voor dat ik nooit meer een voet binnen die zaak zet.

Terugkijkend op mijn jeugd zie ik een stevig patroon van bestrijding van onrecht. Is het dan verwonderlijk dat ik uiteindelijk, tegen alle verwachtingen in, rechten ben gaan studeren? Nou, nee dus. Nu werk ik nu voor een gemeente waar de rechtse politiek hoogtij viert en waar heel veel zaken tegen mijn principes van rechtvaardigheid en gelijkheid gebeuren. De vraag waarom ik doe wat ik doe is minder relevant geworden. Nu vraag ik me meer af waarom werk ik waar ik werk?

Auteur: schrijfbianca

Ik schrijf, dus ik ben.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s