Warme stralen verlammen mijn benen
ik kijk naar beneden
het zicht is te fel
het leven te confronterend om aan te kijken
recht in haar smoel
De warmte maakt me apathisch
ik vertrek, maar blijf ook hier
ik hoor, maar luister niet
ik zweef zo een beetje boven mezelf
overschatting van het moment
Nu de kou zijn intrek weer neemt
keer ik terug en zet mijn voeten
aan de grond, geaard
hoor, zie en luister ik
de avond brengt me terug
Mag ik morgen
misschien weer zijn
helemaal, zonder hindernissen
ook al is het warm, dan wel koud
mag het niet uitmaken?